Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 146. Afval van Engeland.

349

straffe van verlies van ambt en goederen. Voor de standvastige geestehjken, wier aantal betrekkelijk zeer gering was, stelde zij protestantsche in de plaats. Den 17 December 1559 werd M a tthaeus Parker ongeldig tot aartsbisschop van Canterbury gewijd en daarmee allengs de hiërarchie der Engelsche kerk vernietigd1). Al bleef ook de helft der natie in het hart katholiek, krachtig verzet tegen den altijd toenemenden gewetensdwang ontmoette de regeering bijna nergens. In het jaar 1562 vorderde men niet alleen van alle parlementsleden, geestehjken, advocaten en leeraren den eed op de suprematie, maar werden ook de 42 artikelen van Eduard VI herzien en tot 39 beperkt. Deze waren voortaan de belijdenis der Engelsche kerk, die bij de vereering en aanroeping der Heiligen ook het H. Misoffer, de transsubstantiatie, de aflaten, het vagevuur en bijzonder het pauselijk primaat verwierp. Toch gaf Pius IV de hoop niet op en zelfs nog Pius V had aanvankelijk geduld. Toen echter honderden als aanhangers van M aria Stuart den dood ondergingen2) (1568—1570), en de vervolging steeds scherper werd, sprak de laatstgenoemde Paus 25 Februari 1570 excommunicatie en afzetting over Elisabeth uit 3). De mislukte poging, om Maria Stuart te verlossen, ontvlamde den toorn der koningin nog meer. Als hoogverraad werd het gestraft, wanneer men haar recht op de kroon ontkende of betwijfelde, een bul, breve, enz. van den Paus aanvaardde ; op de weigering, om de godsdienstoefeningen der staatskerk (High Church) bij te wonen stond geldboete, kerkerstraf en tuchtiging (1571). Later stelde men zelfs de doodstraf op het geven der absolutie, op het lezen der H. Mis, op het wijden en ook op het herbergen van kathoheke priesters. Spoedig waren de kerkers gevuld en de geloovigen, van hun herders beroofd, een weerlooze prooi des vijands.

7°. Voor het vormen van Engelsche priesters heeft op de eerste plaats Dr. William Allen4) groote verdienste. Met ontzag-

-) Bul van 13 Sept. 1896 : Apostolicae curae. Brandi, La condanna delle ordinazioni Anglicane, 3 ed., Roma 1908. Phillips, The extinction of the ancient hierarchy, London 1905. Vgl. Zeitschrift f. K. Theol. 1895, S. 718 ff.; Der Katholik 1894; Arch. f. Kirchenrecht, 1874 en 1897. Bondinhon, Etudes théol. sur les ordinations angl. Canoniste contemporain 1895.

2) J. Leslaeus, Ep. Boffensis, De titulo et jure ser. princ. Mariae Scot. reg., quo regni Angliae successionem sibi j uste vindicat, Bhemis 1581.

a) Buil. Bom. ed. Taur., VII, p. 810 ss. Hergenróther, Kath. Kirche und christl. St., S. 678 ff.

4) Bellesheim, Allen und die Seminare des Festlandes, Mainz 1885.

Sluiten