Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 147. Calvinisme in Schotland.

353

als belooning voor de behaalde overwinning. John Knox voerde de presbyteriaansche kerkinrichting in en schreef een Calvinistische geloofsbelijdenis voor (Confessie- Scotica)1).

3°. In 1561 overleed Frans II van Frankrijk. Zijn jeugdige weduwe Maria Stuart 2)* keerde, op uitnoodiging zoowel van protestanten als kathoheken, naar Schotland terug. De ketters koesterden de hoop, dat zij het Calvinisme zou omhelzen, en hadden daarvoor reeds alles geregeld. Wat aan den ouden eeredienst kon herinneren was verwoest. Toen Maria standvastig bleef, werd haar verblijf een martelaarschap. Bij het Mis-hooren kwam haar leven in gevaar ; den kapelaan dreigde men te steenigen ; schaamteloos beleedigde Knox zijn koningin op den kansel: haar kapel werd opengebroken en geplunderd. Ofschoon Maria zeer gematigd was, voorzichtig in haar optreden, innemend en goed, werden toch door de Calvinisten al haar daden veroordeeld, zij zelve met leugens en laster overladen 3). Om steun te hebben in zoo hatelijke omgeving huwde Maria haar neef D a r n 1 e y, die voor goed kathohek doorging (1564). Het huwehjk was ongelukkig en Darnley ontevreden, omdat hem niet de gansche regeering werd toevertrouwd. Den 9 Februari 1567 viel hij als slachtoffer eener samenzwering. Het gerechtehjk onderzoek door de koningin verordend leidde tot niets, omdat de rechters tot de medephehtigen behoorden. Terwijl de volksmond terecht graaf Bothwell als den moordenaar aanwees, belasterde Knox met hem ook de koningin als schuldig aan echtbreuk en moord 4). Nu ontvoerde Bothwell Maria Stuart met geweld en hield haar zóó lang gevangen, totdat zij door schandelijke middelen gedwongen, den moordenaar haar hand schonk. Een opstand noodzaakte haar,

J) Collection of the confessions of faith in the Church of Scotland,

2 vols, Edinburg 1719—1722. Augusti, Corp. libr. symbol. p. 143 ss. %) Kervyn de Lettenhove, Marie Stuart et 1'oeuvre puritaine, le procés,

le supplice, 2 vols, Paris 1891. Philippson, Hist. de règne de M. Stuart,

3 vols, Paris 1891. Lang, The mystery of Mary Stuart, London 1901. Cowan, Mary, queen of Scots, and who wrote the casket letters ? 2. vols, London 1902. Cardauns, Der Sturz Maria Stuarts Köln 1883. Maxwell Scott, The tragedy of Fortheringay, London 1895. Henderson, Mary queen of Scots. Her environment and tragedy, 2 vols, London 1906.

*) In 1562 zond Pius IV haar een trooster in pater Nic. Flor. Goudanus S. J. (van Gouda). Pollen, Papal negociations with Mary queen of Scots during her reign in Scotland (1561—1567), Edinburg 1901.

4) Pastor, Gesch. d. Papste, VII, 469 ff.

P. Albers, S. J. Kerkgesch. II. 23

Sluiten