Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 148. Lijden van Ierland.

355

§ 148. Lijden van Ierland.

A. Bellesheim, Geschichte der kath. Kirche in Irland, 3 Bde. Mainz 1890—1891. Zimmermann S. J., Die irischen Martyrer wahrend der ersten Half te des 17. Jahrhunderts (Der Katholik, 1888). Murphy, Our Martyrs. A record of those who suffered for the catholic faith under the penal laws in Ireland, Dublin 1896. Boyle, The Irish College in Paris from 1578 to 1901, London 1901. H. HoUoway, The Beformation in Ireland, London 1919.

1°. Nadat in 1534 de aartsbisschop van Dublin vermoord was, koos Hendrik VIII een anderen, die hem dienstig kon zijn ter uitvoering zijner plannen. Het parlement zette ook in Ierland de scheiding van Rome door ; maar slechts enkele bisschoppen, die door Hendrik waren aangesteld, legden den eed op de suprematie af, terwijl alle anderen met de geestelijkheid en het volk standvastig bleven. Al werden ook (1536—1538) alle kloostergoederen verbeurd verklaard, de mormiken predikten krachtig tegen de suprematie. Ook onder Eduard stond het Iersche volk pal, dat slechts op enkele plaatsen terugweek voor list en geweld. Tijdens de regeering van Maria verdreef men de hofbisschoppen uit Ierland. Opnieuw begon het hjden bij de troonsbestijging van Elisabeth, die de staatskerk trachtte in te voeren, Anglicaansche geestehjken aanstelde en de standvastigheid met geweld wilde buigen. Velen stierven als martelaars. Een verwoede godsdienstoorlog ontbrandde en eindigde in 1603 met een zeer nadeehgen vrede. Maar ook onder de verdrukking bleven de Ieren trouw aan het geloof*). Nu begon er een stelselmatige verdelging, zooals er nauwelijks een andere in de geschiedenis bekend is. Reeds onder Elisabeth kwamen 600.000 morgen lands aan Engelsche kolonisten. De hoop der Ieren op Jacobus I werd teleurgesteld. De onttrekking der landerijen nam toe. Eerst werden in Ulster 400.000 morgen ontnomen, wat later in Midden-Ierland nog bijna 400.000. Zóózeer bemoeilijkte men handel en industrie, dat de Ier nauwelijks kon leven. Litusschen ging de geloofsvervolging voort. De geestelijkheid werd verdreven, het wegblijven uit de godsdienstoefeningen der staatskerk gestraft, de eed der suprematie ook van leeken geëischt. Karei I stond den Ieren vrijheid van

*) Balt, The reformed Church of Ireland 1537—1888, 2 ed., London 1891.

Sluiten