Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

372

§ 150. Protestantisme in de overige landen.

Posen 1905 (II Aufl.). Szldvik, Die Reformation in TJngarn, Halle 1884. Confutatio Lutheranismi Danici anno 1530 conscripta a Nic. Stagefyr seu Herborneo O. F. M. ed. L. Seftmitt S. J., Ad Claras aquas (Quaracchi) 1902.

1°. In Denemarken werd Christiaan II (1513—1523) afgezet, wijl hij het Lutheranisme trachtte in te voeren (1523). Zijn opvolger Frederik I (1523—1533) slaagde beter. De groote prediker der ketterij was Jan Tausen 1), die in 1527 vrijheid van godsdienst verwierf en in 1530 zijn Confessie- Havnica doorzette. Christiaan III (1533—1559) protestantizeerde het gansche land, terwijl Bugenhagen2) de kerkehjke inrichting regelde. De kathoheken verloren alle politieke rechten, mochten geen enkel ambt bekleeden en niet erven. Geen priester mocht het land betreden op straffe des doods. Terzelfder tijd voerde Christiaan III het protestantisme in Noorwegen in, nadat Olaf, aartsbisschop van Drontheim, vroeger om zijn ketterschen ijver had moeten vluchten. De vervolging en uitroeiing der kathoheken volgde vanzelf. Nadat IJsland 8) zich lang tegen de nieuwe leer had verzet, ging het toch na den marteldood des bisschops, Jan Aresen, tot het protestantisme over (1551).

2°. Di 1519 trachtte Zweden het Deensche juk af te schudden, werd echter daarvoor met het bloedbad van Stockholm gestraft (1520). Wat later, toen Christiaan II in 1523 uit Denemarken verdreven was, koos het Zweedsche volk Gustaaf Wasa tot koning. Deze had te Lübeck het protestantisme leeren kennen en voerde het terstond in. Verzet werd met geweld neergeslagen. De voornaamste predikers waren de broeders Olof en Laurentius Peterson. Voorloopig het men den kathoheken eeredienst en den naam van bisschop bestaan. Toen in 1550 de opvolger van Wasa, Erik XIV, het Calvinisme trachtte in te voeren, werd hij verdreven. Zijn broeder Joannes III (1568—1592) huwde een kathoheke Poolsche prinses en deed alle moeite om het land tot het kathohcisme terug te brengen. De poging *), door den

*) Schmitt, Johann Tausen, der danische Luther, Köln 1894. *) Hering, J. Bugenhagen, Halle 1888.

*) Baumgartner, Stimm. a. M—L. B. 29 (1885), S. 295 ff.

H. Biaudet, Le S. Siège et la Suède durant la seconde moitié du XVI siècle Tom. I, Paris 1907 (1570—76). Theiner, Schweden und seine Stelling zum Heiligen Stuhl unter Johann III, Sigismund III und Karl IX, 2 Theile, Augsb. 1838 f. J. Martin, Gustave Wasa et la réforme, Paris 1906.

Sluiten