Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 152. Inwendige ontwikkeling van het protestantisme.

387

Alle gemeenten stonden onder de ouderlingen van Herrnhut, terwijl iedere gemeente bestuurd werd door een volledige hiërarchie, bisschop, priesters, diakenen enz., die echter in aUes afhankelijk waren van de gemeente.

7°. Verwant met de Hernhutters en een tijdlang met hen verbonden waren de Methodisten1), gesticht door John Wesley, student te Oxford (1729). Hij vereenigde eenige medestudenten tot gemeenschappelijke studie en oefeningen van godsvrucht. Weldra bezochten zij armen en zieken, namen iedere week aan het avondmaal deel, lazen veel in de H. Schrift, in Tauler en Thomas a Kempis. Verachtelijk werden zij Methodisten genoemd als uitvinders van een nieuwen levensregel (methodus vitae), dien zij zeer nauwkeurig onderhielden. Met John en Karei Wesley had Georg Whitefield den grootsten invloed. Aanvankehjk bleven zij trouw aan de 39 artikelen der Engelsche kerk. Toen zij echter altijd meer als dwepers bekend werden, trokken de Engelsche geestelijken zich terug. Nu nam Wesley hun functie waar en wijdde zelfs priesters. Leeken verkondigden de blijde boodschap en trokken veel volk. Zij leerden, dat de mensch plotseling gerechtvaardigd wordt door het geloof, de oorspronkehjke heiligheid terug ontvangt op eene wijze, die zelfs lichamelijk gevoeld wordt; dat zoo iemand de eeuwige zahgheid waardig is en niet meer kan zondigen. Wesley en Whitefield beweerden, dat zij onmiddellijk door den H. Geest werden bestuurd en daarom met hun preeken hevige stuiptrekkingen, smeekingen en verzuchtingen, zelfs geestverrukkingen bij de hoorders teweegbrachten. Dit noemden zij „het mdringen der genade". Deze heftige aanstellerij bracht een afscheiding tusschen hen en de Hernhutters teweeg (1740). Het jaar daarop splitsten zich de Methodisten zelf in Wesleyanen en Whitefieldianen ; later na den dood van Whitefield in verschillende kleinere sekten (1770). Tot handhaving der strenge tucht verdeelde men de gemeente in klassen, die door leeken werden bestuurd. Het oppertoezicht heeft een jaarlijksche of vierjaarlijksche synode. Het talrijkst zijn de Methodisten in Engeland en Amerika, waar ze op 20.000.000 worden geschat.

x) Atkinson, The beginnings of the Wesleyan movement in America, London 1896. Jackson, Gesch. vom Anfang, Fortgang und gegenwartigen Zustand der Methodisten. Aus d. Engl. von Kuntze, Berlin 1840. J. M. Valeton, Het Methodisme, Baarn 1911.

Sluiten