Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

462

§ 160. Kerkelijk en zedelijk leven.

Nog meer geroemd werden de HH. bisschoppen, de steun der Pausen in die hachelijke taak :Carolus Borromaeus, de reeds gemelde Franciscus van Sales, Bartholomaeus de Martyribus van Braga, Thomas van Villanova. Onvermoeide bischoppen als Otto von Truchs e s s en kardinalen als Hosius en De Bérulle telde men velen. Daarenboven openbaarde zich de nooit verflauwende kracht der Kerk in de buitenlandsehe missiën. Sedert de apostolische tijden was een zoo wonderbare en bijna algemeene ijver niet meer aanschouwd. Aan de wilde stammen van Azië, Afrika en Amerika werd het ware geloof geschonken, dat de hervorming aan een gedeelte van Europa had ontrukt. Dit volhardend en vruchtbaar apostolaat strekte zoowel den kathoheken, die het met hun middelen steunden, als den missionarissen tot eer. Een ander teeken van hernieuwden bloei was de hefde voor den arme. Terwijl den geloovigen in de troebele tijden de religie soms duur kwam te staan, was er altijd nog veel over voor den behoeftigen broeder. Dit getuigen de talrijke weldadige mstelbngen, broederschappen en rebgieuze orden, gesticht tot leniging der menschebjke eUende. Alleen reeds de heerhjke instituten van Joannes de Deo, Camillus de Leilis en bovenal de wonderbare instelling van Vincentius a Paulo zijn voldoende bewijzen van de onuitputtelijke opoffering en weldadige hefde der Kerk.

Sluiten