Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

§ 162. Theologische dwalingen.

481

van Fraiikrijk er tegen. In andere landen las men de artikelen met afschuw en verontwaardiging en noemde de stellingen christianis auribus absurdae et plane detestabiles. Weldra kwamen er in Frankrijk tegen de declaratie twee boekjes x) uit, waarin ze niet alleen bestreden, maar ook gebrandmerkt werd als de ketters begunstigend, den Paus beroovend van het primaat en zelfs de ketterij hernieuwend van W i c 1 e f, die te Constanz is veroordeeld. Daartegen schreef B o s s u e t op last des konings zijn Verdediging der declaratie 2), een boek, dat een hopelooze zaak met vërvalschte stellingen verdedigt en daarom van valschheden en onjuistheden wemelt. Het krachtigst verzet teekende men 'natuurlijk te Rome aan. Vooreerst verwierp de Paus de beshssingen aangaande de regalia (11 April 1682). Toen hij verder aan de leden der assemblee, die later tot bisschop benoemd werden, de bevestiging weigerde' verbood de koning ook aan de anderen, de bevestiging te vragen.' In zes jaren stonden 35 zetels onbezet. Nog heviger werd de spanning door de opheffing van het asylrecht. Innocentius XI ontnam het, om heerschende misbruiken, aan de paleizen van alle gezanten (1687). Enkel Lodewijk XIV teekende verzet aan. De Fransche gezant werd geëxcommuniceerd, appelleerde op een algemeene synode en L o d e w ij k ontnam den Paus Avignon en Venaissin. Innocentius XI stierf in 1689. Alexander VTTT ontving echter de bezittingen terug van L o d e w ij k, die tevens afstand deed van het asylrecht. Innocentius XII kwam zelfs met L o d e w ij k overeen aangaande de formule, waarin door de nieuw benoemde bisschoppen de retractatie der Declaratio cleri gallicani werd uitgesproken als voorwaarde hunner bevestiging 8).

5°. Ook in Duitschland heerschte op het einde der middeleeuwen een anti-pauselijke stemming. Voortdurend was er sprake van de gravamina nationis germanicae. De rijksdag van Neu-

*) (Nic. du Boia), Ad iUustrissimos et RR. Galliae episcopos, Disquisitio Theologico-juridica super Declaratione Cleri Gallicani facta Parisiis 19 Martü 1682. De andere anonymus : Doctrina quam de primatu auctoritate et infalhbilitate Rom. Pontif. tradiderunt Lovanienses sacrae facultatis Magistri, ac professores tam veteres quam recentiores et Declarationi Cleri Gallicani nuper editae opposita. Beide geschriften kwamen uit de universiteit van Leuven.

*) Defensio Declarationis celeberrimae quam de potestate ecclesiastica sanxit Clerus Galhcanus XIX Martii 1682, Luxemburei 1730 2 Tomi in 4°.

») Collectio Lacensis, I, 836, waar ook de brief van Lodewijk aan den Paus.

P. Albera, S. J. Kerkgesch. II.

Sluiten