Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

510

§ 164. Ongeloof en voorbereiding tot de revolutie.

ma's, voor hem was ontwikkeling de eenige godsdienst. De lage Wieland (t 1803) stelde alle religie in het genot. Allengs namen nu de rationalisten de voornaamste kansels en leerstoelen in : te Berlijn, Leipzig, Halle, Jena, Gotha, Erlangen, Giessen, Heidelberg, enz. enz. Preeken kende men niet meer en stelde daarvoor in de plaats voordrachten over alle soort profane onderwerpen. Emmanuel Kant (t 1804) bedierf de philosophie in haar grondslagen 1), subjectiveerde zoowel de ontologische als moreele beginselen en hield er slechts een verstandsrebgie op na. Ook de Fransche Encyclopedie ontving een tegenhanger te Berbjn in de Algemeene Duitsche bibliotheek, die sedert 1764 verscheen en in 1792 reeds 106 deelen telde. In alle klassen vond het rationalisme zijn weg. De dichters gingen naar het oude heidendom terug en betreurden het, dat de christelijke denkbeelden de poëzie hadden bedorven 2). Tallooze brochures bewerkten het lagere volk, zoodat men voor den ondergang van het Duitsche protestantisme ging vreezen. Talrijk waren de dominees, die zich nu verhieven tegen het bederf en het rationabsme trachtten te stuiten. Maar noch het verzet der orthodoxie, noch de decreten der regeeringen hadden eenige blijvend gevolg. Zelfs aan de voorgeschreven hoofdwaarheden van het protestantisme hield men zich niet.

6°. Ook op de Duitsche kathoheken s) oefenden de rationalistische denkbeelden een zeer noodlottigen invloed*. Was het reeds beschreven Febronianisme en Josephisme gedeeltehjk een voortbrengsel van den rationalistischen geest, deze werd op zijn beurt wederkeerig door de anti-kerkehjke beweging in Oostenrijk en de Rijnlanden gevoed. Het studieprogram van Rautenstrauch en de verdere hervormingen in Oostenrijk zijn reeds genoemd. Te Salzburg onderwezen de Benedictijnen de wijsbegeerte van Kant. Tn Pruisen was Bonn het brandpunt der rationalistische beschaving. Daar leeraarde de dogmaticus Philippus Hedderich, die viermaal was veroordeeld, de exegeet Dereser, die in zijn geschriften voor de helft protestant was. De jeugd van het gymnasium werd bedorven

*) Otto Willmann, Geschichte des Idealismus, Braunschweig 1897, III B., S. 373—528. L. Regout S. J., Studiën, Deel 51, 62, 53, 55, 67, 59, 61, 63, enz.

*) Baumgartner, Goethes Leben und Werke, Freib. II Aufl. 1911— 1912, Bd. 1—3.

*) H. Brück, Die rationalistischen Bestrebungen im katholischen Deutschland, Mainz 1865.

Sluiten