Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

544

§ 168. De Kerk in Frankrijk.

de toelagen der geestelijken af. Daarbij kwamen nog traditionalistische en andere valsche beschouwingen van abbé Lamennais. Maakte het talent der zeer kerkelijk gezinde schrijvers een diepen indruk ten goede, menige stelling lokte van katholieke zijde verzet uit. De Avenir beriep zich op den Paus. Deze veroordeelde den 15 Augustus 1832 de grondstellingen van het blad. Alle redacteurs onderwierpen zich, behalve Lamennais, die altijd verder afdwaalde. Deze dwaling en nederlaag van hen, die met zooveel talent de kathoheke zaak voorstonden en in het openbaar de kathoheken vertegenwoordigden, bracht een zwaren slag toe aan deze partij. De ongodsdienstigheid zegevierde en won altijd veld. Toch gaven de kathoheken den moed niet op. Lacordaire trad op in de Notre-Dame en maakte een diepen indruk (1835). Toen hij moest wijken, verving hem de invloedrijke pater de Ravignan. Ozanam wist de jongelingschap te bezielen en richtte de vereeniging van den H. Vincentius a Paulo op1); Montalembert verhief den kathoheken standaard in de kamer der pairs. Ditusschen verwijderden zich de hoofden der kathoheke partij van de royalisten, terwijl de bisschoppen met de geestelijkheid zich, op aandringen van Rome, enger bij de Julimonarchie aansloten.

Di 1830 was de vrijheid van onderwijs beloofd, maar nog niet toegestaan. Ze werd geëischt vooral door Montalembert en F a 11 o u x. La 1833 kwam er vrijheid voor de lagere scholen. Voor de andere bleef het staatsmonopohe bestaan. Hiertegen streden vooral Montalembert en Louis Veuillot. Aanvankelijk stonden de bisschoppen een weinig achterdochtig tegenover deze leekenbemoeiing, maar ze verzoenden zich allengs daarmee. D upan 1 oup streed in zijn Ami de la religion, Veuillot in de Univers, Montalembert stichtte het tijdschrift Le Corresppndant. De universiteiten verdedigden het monopohe en bestreden sedert 1842 vooral de Jezuïeten. De Ravignan schreef ter opheldering zijn beroemd boek De VExistence et de VTnstitut des Jésuites. Toch werden hun colleges gesloten. Door al die actie was echter van heverlede de kathoheke geest over heel Frankrijk verlevendigd.

3°. De revolutie van 1848 stiet L o u i s-P h i 1 i p p e van den troon, maar had eerbied voor de rebgie. Geen enkele kerk werd geschonden, zelfs geen ruit gebroken bij de Jezuïeten. Pius IX verheugde zich daarover en dankte het aan Montalembert

*) Fournier, Ozanam. Sa vie, ses oeuvres, Paris 1906.

Sluiten