Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

9

zelfs niets willen begrijpen, dan wel als een groep wetenschappehj ke, ervaren, bezonnen mannen, die de door een verstandig volk aanvaarde grondslagen der maatschappelijke orde kunnen beschermen tegen de ondoordachte, gevaarlijke maatregelen' van een onwetende, onbekwame, door demagogen beheerschte volksvertegenwoordiging. Dit beteekent natuurlijk niet, dat ff 4 zij allemaal wel gelijk kunnen hebben; de logische consequentie van wat hier werd gezegd, is geenszins een rechtsphilosophisch relativisme; het beteekent alleen, dat het probleem minder eenvoudig is, dan het er op het eerste gezicht uitziet, en meer speciaal, dat met de geldende dogmatiek daarover het laatste woord niet kan worden gesproken.

Het probleem: „wat is eigenlijk eemaalk?" wordt om nog meerdere redenen voor de tegenwoordige staatsrechtswetenschap YAIJi "vftrwpfrpnH hplan^ r>it is met name het geval door het meer en meer doordringen van het nationaliteitenbeginsel. Met de omschrijving van een „volk" als: een in één staatsverband geordende, onder één regeering staande menschengroep, komt de moderne staatsrechtswetenschap niet meer uit. In het algemeen kunnen we zeggen, dat de drie elementen van den staat, in de dogmatische handboeken vooropgesteld: .flyfirheirl, gehort, Y"11k_ ons tegenwoordig het .meeste hoofdbreken veroorzaken^ De staatsrechtswetenschap schijnt hierin overigens niet alleen te staan.

In zekeren zin is de verhouding na de ordening van het Europeesche staten-stelsel op het Weener Congres omgekeerd. Niet het orgaan-systeem is meer het criterium voor een „volk", maar frfit„.vnlk" is maatstaf voor-, m^et..grondsla^ zijn voor het orgaan-systeem^dat daarnaar is te regelen. Het groote tusschenstaatsche verband van dezen tijd heet niet „Société des Etats", maar „Société des Nations", „League of Nations", Volkenbond. En bij de ordening van het statensysteem na den wereldoorlog heeft men h^^aJü.Qn.aüteitenfeeginsel., de gedachte n.1., dat staat en volk moeten samen- . vallen, dat de staat zij een staatsrechtelijk geordend volk, als AfeLleidende, denkbeeld aanvaard. Ik laat thans daar, of

Sluiten