Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

6

van kinderen beneden de4jaren) laat in beginsel het bedrijf vrij. Aan het Departement van Binnenlandsche Zaken is een Bureau voor Levensverzekering, aan het hoofd waarvan staat eene uit 5 leden bestaande Commissie en met de leiding waarvan is belast een directeur. Aan dit Bureau worden gezonden 1° een afschrift van de algemeene voorwaarden van verzekering en van de tarieven en van daarin aangebrachte wijzigingen, 2» eene opgave van de gebruikte sterftetafels, verder de rekening van de ontvangsten en uitgaven, van de balans en van het jaarverslag. Het bestuur eener onderneming is verplicht aan het Bureau inlichtingen te geven. Bevoegdheid om bestuurders of commissarissen te hooren of om een onderzoek ten kantore der maatschappij in te stellen bestaat in het algemeen niet. Eerst wanneer de voornoemde Commissie van oordeel is, dat het bedrijf eener onderneming niet op goeden grondslag rust, in de uitoefening van het bedrijf onregelmatigheden plaats vinden of het finantieel beheer geene voldoende waarborgen aanbiedt voor de nakoming der aangegane verplichtingen, daarvan aan de onderneming mededeeling is gedaan met aanwijzing van te nemen maatregelen en indien binnen één jaar na die mededeeling niet zoodanige maatregelen zijn genomen, dat naar de meening der Commissie de onderneming aan hare verplichtingen zal kunnen voldoen, zal de Commissie aan de rechtbank verzoeken, dat door de rechtbank een onderzoek naar den toestand der onderneming wordt bevolen. Nadat dit onderzoek door de rechtbank is bevolen, kan de Commissie bestuurders, commissarissen en personeel der onderneming hooren en boeken en bescheiden onderzoeken. De Commissie deelt aan de onderneming de uitkomst van het onderzoek mee en kan, zoo noodig, het nemen van bepaalde maatregelen door de onderneming binnen bepaalden termijn voorschrijven. Indien die maatregelen niet binnen den termijn door de onderneming worden genomen, of indien de Commissie reeds aanstonds na het onderzoek van oordeel is, dat eene onverwijlde vereffening noodig is, vraagt zij aan de rechtbank, dat door deze de vereffening wordt gelast. Deze vereffening kan ook worden aangevraagd, als de Commissie van oordeel is, dat de statuten eener onderlinge maatschappij' niet voldoen aan de eischen van art. 9, onder e—i, (ongeveer overeenkomende met die van art. 13, onder 4°, 5°, 6°, 8» en 10°, der thans geldende wet). Bij de eventueele beschikking, waarbij de vereffening wordt bevolen, worden een of meer vereffenaars benoemd. De vereffenaar maakt een balans op en eveneens een plan tot onmiddellijke vereffening, hetzij op den grondslag van overdracht van het geheele bedrijf aan eene andere onderneming, hetzij op den grondslag van dadelijke uitbetaling, voorzoover de baten dit toelaten, van de contante waarde aller loopende verzekeringen, hetzij op eenigen anderen grondslag, welke tot het aangewezen doel kan leiden. Het plan behoeft goedkeuring van de Commissie. Het ontwerp geeft verder bijzondere

Sluiten