Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

69

Artikel 12—13.

ting (volgens lid 2 van dat artikel duidt het woord „maatschappij" aan, dat de handelszaak toebehoort aan eene naamlooze vennootschap of aan eene vereeniging, en het woord „fonds", dat zij toebehoort aan eene stichting; alles voor zoover niet uit den handelsnaam in zijn geheel het tegendeel blijkt). De openbaarmaking in de Nederlandsche Staatscourant is niet kosteloos. Bij wijzigingen, aan te brengen in de akte van oprichting, worden uiteraard alleen deze wijzigingen in het handelsregister en de Nederlandsche Staatscourant opgenomen. De inschrijving in het handelsregister en openbaarmaking in de Ned. Staatscourant behooren ook te geschieden ten aanzien van de bij de inwerkingtreding der wet bestaande onderlinge maatschappijen, die meer dan 2 jaar na genoemd tijdstip nieuwe overeenkomsten wenschen af te sluiten en daartoe de verklaring van art. 18 noodig hebben. Dit volgt uit de 2de zinsnede van lid 1 van art. 78.

Artikel 13.

De akte van oprichting bevat de statuten, waarin worden vermeld: 1°. het doel en de naam van de maatschappij; 2°. de plaats, waar zij is gevestigd;

3°. de namen van de bestuurders, zoo die bij de oprichting worden benoemd, of anders de namen der leden van het voorloopig bestuur;

4°. de wijze van benoeming, schorsing en ontslag van bestuurders en commissarissen;

5°. of en in hoeverre de leden verplicht zijn, in geval van tekort, tot nakoming van de verbintenissen bij te dragen;

6°. de verplichting van bestuurders, om over ieder boekjaar rekening en verantwoording af te leggen;

7°. of de maatschappij al of niet ook met anderen dan hare leden overeenkomsten van levensverzekering sluit;

8°. de rechten der algemeene vergadering van de leden, de wijze, waarop die vergadering wordt bijeengeroepen en de gevallen, waarin een lid of een bepaald getal leden het recht hebben, zoodanige vergadering te beleggen;

9°. de rechten van houders van aandeelen in het waarborgkapitaal, bedoeld bij artikel 14;

10°. hoe wijziging van de statuten tot stand komt, en onder welke voorwaarden en op welke wijze een besluit tot ontbinding wordt genomen.

1°. het doel. Men zie daaromtrent de toelichting op art. 11.

de naam. Men lette op het in de handelsnaamwet omtrent den handelsnaam bepaalde (zie bovenstaande toelichting op art. 12).

2°. de plaats, waar zij is gevestigd. Deze is natuurlijk in het Rijk in Europa gelegen (zie aanhef van art. 11). Voor in het buitenland en in de koloniën gevestigde onderlinge maatschappijen geldt dit artikel niet.

4°. Waar hier naast bestuurders commissarissen worden ge-

Sluiten