Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

99

Artikel 21—22—23.

verklaring van art. 18 is uitgereikt. Deze ondernemingen hebben bovendien, indien zij het levensverzekeringbedrijf reeds uitoefenden op het oogenblik van de inwerkingtreding der wet (15 November 1923), aan de Verzekeringskamer de opgaven te doen, genoemd in art. 83 der wet, (de in dat artikel bedoelde algemeene maatregel van bestuur is vastgesteld bij K. B. van 24 Juli 1923, Stbl. no. 378) (zie bijlage I). In het bijzonder worden hier van de in dat K B genoemde opgaven vermeld de mededeeling, welke de rechtstoestand der onderneming is, hare tarieven en verzekeringsvoorwaarden en de jaarverslagen over de laatste 10 jaren

Op het niet-voldoen aan het bij art. 21 bepaalde is bij art 70 de daar genoemde straf gesteld.

Artikel 22.

De verzekeraar is verplicht het boekjaar der onderneming te laten loopen van den eersten Januari tot en met den 31 sten December. argeze verplichting geldt niet voor de ondernemingen, bedoeld in

Aan de hier genoemde verplichting behoefde ingevolge art 82 eerst voldaan te zijn in 1926. Volgens het 2de lid van art. 82'kan door de Verzekeringskamer voor het voldoen aan deze verplichting uitstel worden gegeven.

Uiteraard is de verplichting om het boekjaar te laten samenvallen met het kalenderjaar niet gesteld voor buitenlandsche ondernemingen, die gegronde redenen kunnen hebben om van dezen regel af te wijken. Dat die verplichting voor buitenl. ondernemingen niet gesteld is, volgt duidelijk uit het 2de lid van dit artikel. Weliswaar is in het 2de hd van art. 80, dat betrekking heeft op buitenl. ondernemingen die niet in het bezit zijn van de verklaring van art. 18 en slechts gedurende 2 jaar na de inwerkingtreding der wet nieuwe overeenkomsten sluiten en daarna alleen bestaande overeenkomsten afwikkelen ook art. 22 als op haar toepasselijk aangehaald, doch die aanhaling berust kennelijk op eene vergissing. In het 0.0. had de overeenkomstige overgangsbepaling betrekking zoowel op binnenl. als op de buitenl. ondernemingen. Bij de splitsing in het G. O. werd vergeten in dit opzicht het krachtens art. 22 (oorspronkelijk art 17) noodzakelijke onderscheid te maken.

Artikel 23.

H»?^ vfzekeraar 18 verplicht aan de Verzekeringskamer binnen den^oor deze te bepalen termijn de inlichtingen te verstrekken, welke deze met betrekking tot het bedrijf verlangt.

In tegenstelling met de inlichtingen, die ongevraagd, krachtens de artt. 21 en 83 en krachtens art. 27 (door invulling der staten) aan

Sluiten