Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

171

Artikel 62—63.

nakoming harer verplichtingen. De Verzekeringskamer wordt oo het verzoek gehoord.

Dit artikel is gelijkluidend aan het laatste lid van art. 23 der zgn Noodwet behalve dat voor den rechter-commissaris in de plaats is gekomen de Verzekeringskamer. Na de vernietiging van het royement van de polis kan de rechtbank krachtens art. 61 wijziging in de overeenkomst aanbrengen.

Artikel 63.

De in artikel 40 genoemde rechtbank is steeds bevoegd op voordracht van de Verzekeringskamer, na verhoor, althans behoorlijke oproeping, van de maatschappij, de maatschappij in staat van faillissement te verklaren bij een ter openbare terechtzitting uit te spreken vonnis. Het bepaalde bij de Faillissementswet is dan overigens van toepassing.

Dit artikel is gelijkluidend aan art. 26 der zgn. Noodwet. In de M. v. T. op het ontwerp-Noodwet schreef de Regeering bij dit artikel het volgende: „Het kan wezen, dat eene voor de schuldeischers „meer gunstige oplossing niet wordt gevonden. Dan blijft niets „anders over dan het faillissement der maatschappij uit te spreken. „Dit ligt ook voor de hand, daar getracht moet worden faillissement „te voorkomen alleen indien zulks in het belang der schuldeischers „is. Blijkt nu dat hun belang juist faillissement eischt, dan moet dit „zonder meer kunnen volgen. Eene voordracht van den rechtercommissaris is voldoende om eene uitspraak der rechtbank uit „te lokken. Het is niet noodig, dat alsnog blijkt, dat de maatschappij verkeert in den toestand, dat zij heeft opgehouden te „betalen. °

„Ingevolge het tweede lid van art. 26 blijven bij faillissement „de voorschriften dezer wet verder buiten toepassing".

In het bijzonder zal het dan gewenscht kunnen zijn om krachtens dit artikel het faillissement van de maatschappij uit te lokken, indien het actief zeer gering is, slechts van eene verdeeling daarvan onder de schuldeischers en niet van eene reconstructie der verzekeringen sprake is en er niet zijn levensverzekering-technische moeilijkheden die beter door de Verzekeringskamer dan door een curator in een faillissement tot oplossing kunnen worden gebracht. Zoo is van dit artikel reeds een paar malen gebruik gemaakt ten aanzien van spaarkasondernemingen, waarop de noodregeling van toepassing was verklaard. Bij zulke ondernemingen zal immers in vele gevallen de meest gewenschte oplossing zijn verdeeling van de aanwezige waarden en gelden onder de deelhebbers, niet reconstructie van de spaarovereenkomsten.

Sluiten