Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

199

welke in verband met art. 29 der wet als dekking der premiereserve voor de Nederlandsche portefeuille zouden kunnen dienen. c De in art. 1 sub f,genh bedoelde opgaven vervallen.

Artikel 4.

Dit besluit treedt in werking op het tijdstip, waarop de Wet op het Levensverzekeringbedrijf 1922 (Staatsblad no. 716) in werking treedt.

II.

BESLUIT van den 24sten Juli 1923, Staatsblad nP. 379, houdende vaststelling van eene instructie voor de Verzekeringskamer.

Wij WILHELMINA, bij de gratie Gods, Koningin der Nederlanden, Prinses van Oranje-Nassau, enz., enz., enz.

Overwegende, dat het wenschelijk is eene instructie voor de Verzekeringskamer vast te stellen;

Gelet op de artikelen 8, 84 en 86 der Wet op het Levensverzekeringbedrijf 1922 {Staatsblad no. 716);

Op de gemeenschappelijke voordracht van Onze Ministers van Justitie van Binnenlandsche Zaken en Landbouw en van Koloniën van 15 Juni 1923, lste afdeeling C/AS., nO. 826, van 30 Mei 1923, afd. BB no 6207 en van 8 Juli 1923, le Afd. nO. \\

Den Raad van State gehoord (advies van den 3 Juli 1923, n<>. 27);

Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Ministers van 11 Juli 1923, lste Afdeeling C, no. 829, van 14 Juli 1923, no. 7924, afd. Binnenlandsch Bestuur en van 17 Juli 1923, le Afd. nO. 37; Hebben goedgevonden en verstaan te bepalen:

Artikel 1.

De Verzekeringskamer is gevestigd in de gemeente Amsterdam. Artikel 2.

De voorzitter en de overige leden hebben hun vast en voortdurend verblijf in de plaats, waar de Verzekeringskamer gevestigd is

Onze Minister van Justitie kan, telkens voor een bepaalden tijd vrijstelling van de in het eerste lid gestelde verplichting verleenen In

Sluiten