Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

204

Justitie, van Binnenlandsche Zaken en Landbouw en van Koloniën van 15 Juni 1923, lste afdeeling C, n°. 824 en van 30 Mei 1923, afdeeling B.B., n°. 6210, en van 7 Juni 1923, lste afd«, n° 47;

Den Raad van State gehoord (advies van den 3 Juli 1923, n°. 28);

Gezien het nader rapport van Onze voornoemde Ministers van 13 Juli 1923, lste afdeeling C, n°. 787, en van 17 Juli 1923, n°. 8055, afdeeling Binnenlandsch Bestuur, en van 20 Juli 1923, lste afdeeling, n°. 19;

Hebben goedgevonden en verstaan te bepalen:

Artikel 1. Kosten.

In het begin van elk jaar wordt door de Verzekeringskamer vastgesteld het bedrag der kosten van het afgeloopen jaar, verbonden aan de uitvoering der Wet op het Levensverzekeringbedrijf.

In die kosten is begrepen eene rente over de uitgaven van het afgeloopen jaar; deze rente wordt berekend over een vol jaar naar een rentevoet, welke gelijk is aan het wisseldisconto van de Nederlandsche Bank, geldende op 1 Juli van het afgeloopen jaar.

De eerste maal wordt de rente, bedoeld bij het vorige lid, in plaats van over een vol jaar, berekend over een tijdvak van zes maanden, vermeerderd met het halve aantal maanden, dat de Verzekeringskamer in het eerste jaar werkzaam is geweest.

Artikel 2. Premie-inkomen.

De Verzekeringskamer stelt aan de hand hiervan vast, welk percentage deze kosten bedragen van het premie-inkomen als bedoeld in art. 85, lste lid der Wet op het Levensverzekeringbedrijf. Dit percentage wordt in twee decimalen nauwkeurig uitgerekend en naar boven afgerond.

Het premie-inkomen, waaronder wordt verstaan het „verschuldigd" premie-inkomen, wordt bepaald na aftrek van premiën voor herverzekering, doch met inbegrip van premiën ontvangen uit hoofde van herverzekering.

Premiën in vreemde valuta worden omgerekend in Nederlandsch geld door gebruikmaking van den wisselkoers van 31 December van het jaar, waarover de aanslag geschiedt. Deze wisselkoers zal zijn de officieel te Amsterdam vastgestelde. Voor zooverre eene officiëele

Sluiten