Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE PERIODE

219

niet! En toen ben je me opeens verschenen. En ik voelde dadelijk, dat je anders was dan al de anderen, en dat je was, zooals ik graag had. En nu, hoe meer ik je leer kennen, hoe meer ik ook ga merken, dat jij precies bent, zooals ik in 't diepst van mijn ziel mi) de vrouw heb gedroomd, die mij gelukkig kon maken. Daarom is er in mijn gevoel voor jou ook niets oppervlakkigs, en er kan absoluut niets aan veranderen, omdat mijn gevoel voor jou geen oogenblikkelijke opwinding is, maar het waarachtige, diepe gevoel.

Morgen-ochtend ga ik weer naar Boeken, en dan zullen we zien, of we de zaak niet wat verder kunnen brengen.

Ik sluit nu deze en doe er een vers bij, dat vanmiddag kwam. Is dat niet No. 80? Lu de twee laatste regels plaag ik je, natuurlijk. Lach er maar om, Lief. Zal je?

Mag ik je even zoenen? O, Jeanne, ik heb je hef!

jouw eigen Wülem,

voor altijd, geheel

* *

O, Lief, wat ben ik toch bhj met die portretten van jou. En wat vond ik't hef van je, dat je me er twee gezonden hebt. Ze zijn heel mooi uitgevoerd, hè? mooi van druk en papier. Lk zou er wel graag een aan mijn broer zenden, Lief, vind je t goed?

Ik hoop zoo, dat 't lukt met die vertaling. Want je begrijpt toch wel, dat t een heerlijk genot voor me zal zijn, als je hier woont in den Haag, zoodat ik altijd met je spreken en aües aan je vragen kan, - o, wat zal dat een rustig-kalme en vreugdige tijd voor ons zijn, als . we niet meer het agiteerend bewustzijn hebben, dat ons samenzijn maar een korte poos duurt. En dan zou dat nare, toch maar de helft zeggende en aanleiding tot misverstanden gevende brieven-schrijven ook uit zijn, voor goed. Denk jij er ook niet zoo over, heve Lief?

Ik ben gisteren begonnen mijn boekenkastje in orde te brengen en telkens, als ik die namen en jaartallen zag op de boeken van jou, die je zoo innig hef en goed ben geweest, me mee te geven, dacht ik, Lief, hoe goed jij toch bent, om al die boeken, waar voor jou zóóveel herinneringen aan verbonden zijn, en die je zóólang in je bezit

Sluiten