Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

DERDE PERIODE

271

Ik geloof wel, dat, wat je zegt over Multatuli scherp-juist is en héél-helder gezien, maar hij was toch een kranige, kranige man! En de omstandigheden zijn de oorzaak geweest, dat hij niet alles heeft ten uitvoer gebracht, wat hij had kunnen doen. Hij was, denk ik, dikwijls niet voldoende op de hoogte van de dingen, die hij beredeneerde, of er genoeg in doorgedrongen, om er met een breede, overtuigde wijsheid over te kunnen spreken, maar hij heeft toch een hééleboel ware dingen gezegd, die niemand toen op de gedachte kwam, om te zeggen, en die in dien tijd zelfs niet begrepen werden. Zeg, Lief, ben ik nu pedant?

Bilderdijk ken ik heelemaal niet, behalve natuurhjk de fragmenten, die men wel eens in chrestomathieën aantreft.

Ja, ik geloof wel, wat je zegt, dat de Engelschen een prachtig ras zijn. De enkele Engelschen, die ik wel eens in gezelschappen heb ontmoet, waren zoo aangenaam-kalm en hoffeh)k-beleefd en voorkomend, met een correctheid, die absoluut niets stijfs of aangeleerds had.

Met een teederen, innigen zoen

jouw eigen Jeanne

# *

O, Jeanne, je bent superbe, splendide! Ga nu niet denken, dat ik dit zeg, als aesthetisch beschouwer, die je houding apprecieert, ik spreek hier als mensch, aheen als mensch, die jou liefheeft, absoluut, zonder vergelijking, zonder einde, en die jou nu vóór zich ziet staan hetzelfde zeggend, wat hij in zichzelf voor jou voelt, met dezelfde kracht en overtuiging, waarmede hij zijn eigene hefde voor jou in zijn diepste binnenst voelt spreken! Weet je wel, Jeanne, dat je, door zóó tegen me te spreken, mij niet aheen een eindeloos geluk geeft, maar ook een eindelooze, rustige kracht? Mijn leven is, zooals je wel weet, niet al te gemakkehjk, en als ik nu nog aheen op de wereld stond, dan weet ik zeker, dat ik onder al mijn handelen door, toch somtijds op mijn stoel zou zitten, in onbeweeghjkstrakke melancholie, mij vragend, waartoe dit leven met zijn herrie diende, en of het eigenlijk niet beter was, er uit te gaan. Ik zou mij dan uit mijn wanhoop wel weer weten te verheffen, - ik spreek hier uit ondervinding, - en weer de handen flink aan 't werk slaan, want ondanks al mijn teedere gevoehgheid, ben ik in andere oogen-

Sluiten