Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

344

LIEFDESBRIEVEN

zonder het bewust te willen, in strakke banden vast; ik wou heelemaal nuchter en positief blijven en kalm afwachten, wat het gevolg zou zijn van die zaak. Maar nu vandaag, - ik kan het niet laten, ik moet net je zeggen: ik heb je lief! Kan je dat dan niet opwekken, kan dat je dan niet onttrekken aan je zelf met zijn sombere gedachten, deze vaste, zekere wetenschap, dat je heelemaal, zooals je bent, diep wordt bernind? En begrijp nu eens, Jeanne, dat is geen lyrische uiting van mij, in een stemming geschreven, en waar ik overmorgen bijv. weer eens heel anders over denken kan. Het is een gevoel van mij, maar onder dat gevoel en door dat gevoel heen, buitendien nog een overtuiging, een zekere en gelukkige wetenschap, die door mijn heele bestaan is heen-geweven, die met mijn bestaan zelf een eenheid is. Ik kan mijzelf niet meer zonder jou voorstellen, ik zou zelfs heelemaal niet meer weten, wat ik beginnen moest, als ik jou moest verliezen, ik zou zeggen: ,,'k wil niet meer zijn", als ik zonder jou moest zijn. Ik voel heel diep en onveranderlijk: jij bent de mensch, de vrouw, die mijn bestaan, mijn Zijn completeert. Want voor alles in je en van je voel ik een grenzenlooze, en mijn heele Zijn verwijdende en verzachtende sympathie, die ik inniggelukkig ben, dat ik kan voelen voor je, omdat ik nooit had gedacht, dat er een mensch als jij, voor wie ik zóó waarachtig en diep kon voelen, op de wereld zou zijn. En geloof mij toch, want ik weet, wat ik zeg: die sympathie, die liefde voor jou, is geen ding van een maand of een jaar, neen, ik weet stellig, dat zij is en zal blijven het heerschende sentiment in mijn heele toekomstige leven. O, Jeanne, kan dat je dan niet wat gelukkig maken? Zie, hier is een mensch, aan wien je volstrekt niet het land hebt toch, met wien je zelfs wel door het leven wilt gaan, en die mensch voelt zóó voor je, dat je alles met hem zou mogen doen, wat je wou, zonder dat hij je iets zou terug-doen, maar die dat, ik verzeker 't je, van geen ander zou verdragen. Ik heb je lief, diep-in lief, met heel mijn hopen en willen, met heel mijn denken en voelen, met mijn fijnste zenuw- en geestesbewegingen, met de teerste verlangens en de zoetste droomingen van mijn geheele Zijn. Als je nu ongevoelig was, dan zou ik moeten denken: ach, ze is er niet vatbaar voor, het raakt haar niet. Maar je bent zelf een opperst-gevoelig en een klaar- en nobel-denkend en buitendien een naar geluk smachtend mensch. Maar voel je dan niet, dat ik je gelukkig maken kan en zal? Wat zit je je dan te verdiepen in, wat zit je jezelf op te bouwen allerlei

Sluiten