Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

39°

LIEFDESBRIEVEN

wat zal dat dan weer een zalige tijd worden, Willem! Ik bèn Woensdagavond met de stoomtram naar huis gegaan; hij stond klaar en ik stapte vlak bij huis uit.

Dag, mijn Allerliefste, mijn éénige Lief! Met een innig-hartelijken bedank-zoen voor het heerlijke vers

jouw eigen Jeanne

* *

O, Liefste, wat heeft je laatste brief me diep ontroerd. O, Willem, 't stemt me zoo blij, dat je dat alles tegen me zegt, omdat je gelooft, dat mijn verstand het bevatten kan. Willem, moet ik je nog zeggen, dat het me goddelijk-trotsch en hoog-gelukkig maakt, dat je zóó over me denkt en zóó tot me spreken wil? Liefste, ik geloof, dat nu ook nog je meening over mij te goed en te liefderijk is, maar ik geloof ook werkelijk, Willem, dat ik eenmaal worden kan door jouw invloed en jouw hulp, wat je nü al denkt, dat ik ben. Ik heb je wel eens: Leider-van-mijn-Leven genoemd; o, Wülem, bhjf dat voor me, altijd en altijd, en ik verzeker je, dat ik dan eenmaal de macht zal krijgen, jou 't zelfde geluk te geven, dat jij mij bereidt.

Willem, wat het was, weet ik niet, maar ik voelde aldoor nog iets, wat me belette, me aan mooie toekomst-droomen over te geven, en dat is nu weg. Wülem, ik ben heelemaal vrij van twiifel en angst: ik ben gelukkig nu. Ik zeg het zoo kalm, Lief, hoewel ik hevig geëmotionneerd ben inwendig, - maar juist daaraan kan je merken, dat het geen phrase is, maar de diepe, dankbare erkerming der rustige, kalme zaligheid van mijn gemoedstoestand. Ik heb je hef, en afmeer en meer geef ik mij over aan mijn gevoel, - ik houd mij niet meer terug, zooals ik dat onwülekeurig en zonder het te weten, een langen tijd heb gedaan; ik laat mij heelemaal gaan op den zaligen stroom van mijn verrukkende gedachten.

Mijn innerhjke schroom is weg, doordat je mijn twijfelingen en angstige vermoedens kwam weg-redeneeren; ik sta nu zoo klaar en open en zuiver tegenover je, met absoluut geen verborgen bedenkingen meer; ik heb me heelemaal tegen je uitgesproken, en door je antwoorden ben ik zóó geworden, als ik nu ben. Wülem, ik houd van je, ik vertrouw mijn leven aan je toe! mijn heele toekomst zal aan jou zijn gewijd! Ik durf nu gelukkig te zijn, ik durf nu van mijn geluk te genieten!

Sluiten