Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

446

LIEFDESBRIEVEN

kan je nog zekér zijn, dat je inwendig niet eigenlijk gezegd zwakker bent geworden, maar alleen wat gevoeliger en minder strak dan je vroeger, natuurlijkerwijze, was, toen je je altijd sterk opsloot in jezelf. Maar je staat nu nooit meer alleen, en je zal ook zien, dat dat gevoel van zwakte heelemaal bij je overgaat, als wij maar veel, of, zooals later, altijd tezamen zijn. Want mijn kracht zal de jouwe worden zooals ook mijn hand heelemaal van jou zal zijn.

O, Jeanne, ik houd zoo dol-veel van je; stel je voor, dat je eens met je vuistjes op mijn gezicht trommelde, - je zou er toch niet mee kunnen doorgaan, want ik zou ze dan opeens zoo vurig gaan kussen, tot ze in zachte gelatenheid hun eigen vingers los-lieten, en stil, vlak-uit op mijn gezicht gingen liggen, terwijl je oogen vaag weg-droomden in de verte, zonder te weten waarneen

O, je bent zoo'n goddehjke snoes, je bent een hartstochtelijk, ademend ideaal!

Ik ben vreesehjk verlangend naar je roman. Je wil dit eerste deel natuurhjk nog niet sturen, maar als je 't wü, doe 't dan alsjeblieft! Een boek is aüeen „onzedelijk", als het geschreven is met de bedoeling om onzedelijk te zijn. Je hoeft dus heusch niet bang te wezen, dat ik zal geërgerd of bedroefd worden. Al het je een dronken officier achterste voren op zijn paard klimmen, zoodat zijn rug tegen den kop van het paard aanlag, en je het hem dan zingen van:

't Zal wel gaan, 't zal wel gaan, Want wij gaan naar de Maliebaan!

Kom, stuur het maar, wü je? Jij bent Jeanne, die heelemaal een zuiver mensch is, en wat jij doet, kan dus niet onzedelijk zijn. Onzedelijkheid is niet iets absoluuts en positiefs: onzedelijkheid ligt aüeen in de bedoeling, in de geestehjke intentie.

Je geeft zeker dat portret voor je bundel, dat op mijn schoorsteen staat?

O, Jeanne, heve Jeanne, je bent net een donkerroode bloem, die van binnen naar achter-in heel teer rose wordt. Dat rose nu met zijn honderden fijne nuances, mag aheen ik, gelukkige! zien. Ik hoef het je eigenhjk niet te zeggen, want je doet al zoo; maar ik wou je anders zeggen: houd je voor de wereld, Lief! altijd maar kalm-purper, statig-donkerrood. Je zoudt er stellig geen pleizier van hebben, als ze je teere rose binnenste zagen anders dan in je werk of in een enkle stüle daad hier of daar. De wereld is een bruut

Sluiten