Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

54°

LIEFDESBRIEVEN

ik vind 't natuurlijk goddelijk, als ik 't je nü al hoor zeggen, Liefl Dag, heve, heve, heve Liefl

Met een innigen zoen

jouw eigen Jean

* *

O, Liefste, ik kan je niet zeggen, hoe onbeschrijflijk ik verlang naar je brief van morgen. Want daarin (als je Zaterdagmiddag al op blz. 430 was) zal misschien je eind-oordeel staan over mijn boek. Deze heele dag is eigenhjk maar een wacht-dag geweest, een aldoor verlangen naar morgen. Je weet 't wel, Lief, dat jouw meening me alles waard is, èn dat ik van dit eigen werk zoo zielsveel houd, - je zal me dus wel niet overdreven of aanstellerig vinden, als ik er telkens en telkens weer over begin. O, het is vreeselijk, vreesehjk, dat ik er nu heelemaal niet met je over spreken kan, dat ahes maar weer moet gaan door middel van brievengeschrijf. Je kan niet begrijpen welk een kwelling 't voor me is, als ik je na elkaar wel duizend vragen wou doen, en nóg meer vragen, door je antwoorden uitgelokt, - en ik moet er dan twee of drie uitkiezen, waarop ik dan, op zijn vroegst, na een dag antwoord van je kan krijgen. O, Lief, bijna zou ik zoo égoïst zijn, om spijt te hebben, dat ik niet tot October heb gewacht met je mijn boek te geven, maar ik zal in 's hemelsnaam maar weer geduld hebben, al kan ik 't bijna niet uithouden. O, Lief! ik en geduld!

Liefste, wat heb je me toch in dien brief van vanmorgen verrukkend-heerhjke dingen geschreven. Ik vind 't zoo onemcüg-zalig, als je zóó over me spreekt. Maar o, Lief, je zegt, dat ik jouw leven in mijn hand heb, - o, \ï),jij, Lief, beschikt volkomen over het mijne. Want, luister, Lief, jij bent een man; jouw krachten zijn door je smart niet vernield, integendeel gestaald, jij hebt ahes doorstaan, jij hebt ahes gedragen,^" bent de meester gebleven. Maar ik, Lief, ach, ik, wat kan ik zonder jou? Ben ik niet hopeloos-zwak en week, als jij me niet helpt, - hoe zou ik een werkelijk leed kunnen lijden, ik, die mijn niet-bestaande smarten niet eens weerstand bieden kan? Liefste, ik leef door )ou>jij doet me leven, jij bent mijn leven, Lief!

't Maakt me zoo stil-intiem-gelukkig en bhj, dat je nu gelooft in me, Lief, en in me zal blijven gelooven. Want al is mijn hefde, door

Sluiten