Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

562

LIEFDESBRIEVEN

barbier. Wat de kwestie van mijn komen betreft, daar zal ik je nog bedaard en uitvoerig over schrijven, maar hiervan kan je veker vijn, dat ik kom.

In haast

jouw Willem

* *

O, Lief, wat allerheerlijkst was dat, wat je nog vanmorgen had gezet onder je brief van gisteravond! O, want 't is verrukkelijk, te weten, dat je werkehjk komt. Dat goddelijke vooruitzicht doet me veel vlugger, prettiger, gemakkelijker werken, dan ik anders kan, wü je dat wel gelooven, Liefste? Ik dacht er juist aan, dat we, morgen voor een week elkaar nog zagen, en dat het nu, wie weet nog hoe lang duren zou, eer dat wéér gebeurde, - en nu zal het toch over een week of drie al zijn, hè, Lief? Ik kan je niet zeggen, hoe bhj en gelukkig ik inwendig ben!

O, Lief, niet in enkele nuancen, maar in oneindig veel opzichten verschü jij van andere mannen. Weet je, hoe ik de meesten zie? Daar heb je b.v. de mannen, die tusschen andere mannen leven: die stellen zich aan voor elkaar, die houden zich groot, - die schamen zich zóólang zich te toonen, zooals ze werkehjk zi/n, dat hun gehuichel is geworden tot natuur. De wereldsche man verhest even goed als het wereldsche meisje zijn mooie, jonge... naïveteit zal ik het maar noemen, en wordt dan hard, ongevoelig, ingebeeld, en heusch, de meesten zijn een beetje Felix-achtig er nog bij. 't Zou me niet in mijn hoofd opkomen (zelfs al was ik niet met jou geëngageerd) om óóit met een van die mannen een gevoeld gesprek te beginnen. Mannen zijn in de conversatie gewoonlijk aangenamer en amusanter dan vrouwen, omdat ze een vlugger oordeel hebben, handiger zijn met reparties, durvender in replieken, en ik heb het daarom ook nooit naar gevonden, om met mannen te praten, maar het gesprek bleef altijd uiterhjk, oppervlakkig; het zou niet in me opgekomen zijn, ooit aan hen eens mijn intieme gedachten te uiten. Ik voelde instinctmatig, dat ik toch niet zou worden begrepen. Jij bent de eerste, de eenige man, aan wien ik me ooit heb durven openbaren, aan wien ik ooit heb durven zeggen, wat er leefde in mijn ziel. En dat diepe, inwendige, onbewuste vertrouwen, dat zielsvertrouwen, zou ik 't wülen nemen, dat kan ik in jou hebben, Lief, omdat jij de absoluut en

Sluiten