Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

VIJFDE PERIODE

577

Jij bent fier en hoog als de grootsten, omdat je bent van hun geslacht, en toch ben je zacht als de engelen, voor wie de avondwolken als dons zijn, - en o, je bent eerlijk en klaar als géén. Ik heb je lief met de macht van een golf uit de' oceaan, die breed en weelderig langs ie heen-glijdt, ik zal voor je zijn als een teeder-kleurige morgenhemel, in wiens diepte je zalig heen en weer zweeft, ik zal voor je wezen als een rozige avondlucht, die je met gloeiende zachtheid omvangt.

Lief, ik heb je lief, voor nu en altoos.

Teeder-zacht kust je

jouw eigen Willem

* *

O, Liefste, wat een verrukkelijk-heerlijke brief was dat van je, de brief, dien ik om half vijf kreeg! O, ik ben altijd zoo innig en zalig blij, als ik zoo merken kan, dat je je gelukkig voelt, en als ik dan denken mag, dat dit een beetje komt door mij, - o, Lief, ik kan je niet zeggen, wat een echte, heerlijke vreugd me dat is! O, wat je van dien postbode schreef, dat is precies 't zelfde, wat ik ook zoo dikwijls ondervonden heb, en dat ik dus precies met je meevoelen kan, - o, Lief, 'tis wel egoïst van me, maar ik vind t heusch prettig, dat je 't naar vond, toen je dacht, dat er van mij geen brief zou komen. Want ik merk daaruit, dat je wel eens naar mijn brieven verlangt, en ze een beetje pleizierig vindt.

Die Thoreau is echt een beetje een oude zanik. Je krijgt soms lust, hem eens ferm door elkaar te schudden, en hem toe te roepen: „Man, gebruik toch in 's hemelsnaam geen honderd woorden, als je t met tien afkan, je zou er vrij wat duidelijker en onderhoudender door zijn." Soms, als ik in een opgeruimde sternming was, schaterde ik t wel eens plotseling uit om zijn naïeve beweersels, maar ook wek als ik me een beetje landerig voelde, wou ik het boek wel van me afschuiven met een harden zucht van ongeduld. Ik ben vandaag den geheelen dag aan het vertalen geweest, maar het ging gelukkig nogal vlot, moet ik zeggen. Het zal wel gaan, Lief, het zal wel gaan; ik mag graag zoo iets hebben, waarbij ik mijn inwendige krachten een beetje noodig heb; dat maakt me, als 't ware, zelf veerkrachtiger en sterker, hoe meer ik ze gebruik.

Sluiten