Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

580

LIEFDESBRIEVEN

nooit bang te zijn, dat je mij vervelen zou met je zelfopenbaringen, want alles wat je zegt is, hoe menschehjk-begrijpehjk ook voor mij, het tegenovergestelde van vervelend of banaal. Ik kan er zoo heelemaal inkomen, en 't hjkt mij niet iets vreemds en apart-van-mijstaands, maar toch, telkens meer 1 iets nieuws, iets boeiends en moois.

O, Jean, jij bent het, jij bent het en jij aheen!

Maakt je dat misschien een beetje gelukkig, heve Schat?

Ik ga nog maar wat door, want ik zit nu rustig hier op mijn kamer. Juist toen ik op de vorige bladzij geschreven had, dat ik naar Koderitsch moest gaan, hield Juffrouw Linn nogmaals op. En ze is nu tenminste al een minuut of 20 stil geweest.

Lief, wil ik je eens iets 2eggen, wat je nog niet wist? Jij bent voor mij precies een verwerkhjkte droom. Ik heb altijd van een meisje, ongeveer zooals jij bent, gefantaseerd, maar dan moest ik toch weer tot de conclusie komen, dat zoo iemand aheen in mijn verbeelding kon bestaan. En nu moet ik je eerlijk 2eggen: jij bent veel mooier en beter dan wat ik me vroeger ooit had durven voorstehen, vroeger, zeg ik, vóórdat ik wist, dat jij bestond. Jij hebt voor je2elf je dingen die je je „fouten" noemt. Maar ik moet je ronduit zeggen: ik heb nog geen enkele karakterfout in je ontdekt, en wat jij je fouten noemt, waren niets anders dan sternnuhgsvergissingen, waardoor je den boel wat anders gekleurd 2ag, dan hij in de ware werkhjkheid was.

En denk nu niet, dat dit komplimenten van mij zijn, dat zou flauw van mij wezen, almachtig flauw, want voor komplimenten sta jij veel te hoog. Ik zeg je de dingen precies naar waarheid, zooals ik ze zie en voel. En je kunt dat gerust van mij aannemen, want ik heb bij sommige menschen den naam van erg „achterdochtig" en „kwaaddenkend" te zijn. Maar het heeft mij altijd wülen voorkomen, dat die aanklacht slechts een grof soort van zelfverdediging om eigen schuld te bemaskeren was. Want mijn intuïtie is misschien niet zoo groot als de jouwe, maar toch tamelijk groot. Gaat men nu echter zoo'n intuïtief gevoel, dat men heeft gekregen over een ander mensch, eenigszins bewust voor zichzelf maken en in reëele bijzonderheden uitwerken, dan zal het natuurhjk wel eens gebeuren, dat zoo'n bijzonderheid, waartoe men, in zichzelf, door zijn intuïtie heeft gekonkludeerd, niet geheel en al klopt met de objektieve werkhjkheid buiten ons. Maar daarom mag toch nog niet uit zoo één gedeeltelijke vergissing, de gevolgtrekking gemaakt worden, dat de totale intuïtieve indruk óók verkeerd is geweest. Vind je niet, dat ik daarin

Sluiten