Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

1927

28

koestert, waar zij dezen bij den ander nog niet sterk genoeg acht.

De vraag is thans verder: hoe zal de jonge man er op reageeren, wanneer hem die liefdesbekentenis gedaan wordt, hetzij dan onmiddellijk, hetzij door middel van een vertrouwde? Ook hier doen zich twee mogelijkheden voor. Was de jongeling zelf in stilte verlièfil en liefdegevoelens koesterend, die hij geheim hield, omdat hij toch het wanhopige ervan inzag, dan zal hij misschien opjubelen van vreugde, nu hij een stillen wensch vervuld ziet, dien hij tevoren zich niet wilde bekennen maar verdrongen had als onbehoorlijk. Van zijn wederliefde zal hij dan niet kunnen nalaten blijk te geven, ook al ziet hij zeer wel in de moeiettjkheden, die daaruit zullen oprijzen, en ook al vreest hij, met 't oog op de gevolgen, de wederzijdsché liefde in daden om te zetten.

Maar zoowel bij Seneca als bij Pluripides blijft de jongeling koel en verstoken van minnevuur, ook waar hij zich hartstochtelijk door de schoone vrouw bemind ziet. Het ware mogelijk geweest, dat dit zoo was omdat speciaal deze vrouw voor hem geen bekoring bezit en hij in liefdessentiment geremd wordt door haar stiefmoederschap en het wonen met haar onder één dak. Hier evenwel is het, omdat de vrouw in 't algemeen geen aantrekkingskracht voor hem bezit bij zijn gebrek aan genoegzamen sexueelen hartstocht]).

Op zichzelf behoeft een jonge man nog niet verontwaardigd te zijn dat een gehuwde vrouw van hem is gaan houden. Integendeel, ook al maakt hij van die omstandigheid geen gebruik, hij zal die liefde kunnen aanmerken

l) Een derde mogelijkheid dat, gelijk bij Racine, eene andere vrouw in 't spel is, die wèl bemind wordt, verandert, gelijk reeds opgemerkt, het geheele dramatisch gegeven.

Sluiten