Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Al die gedichten leven in de glans van hun roem.

Niet dat zij veel worden gelezen, maar zij vormen een van die konstellaties, waarnaar van eeuw tot eeuw enkelen wijzen. Deze, die voor het licht van zulke sterren uiterst gevoelig zijn, zeggen dan zoo innig en zeker dat zij tot de schoonste aan onze hemel hooren, dat de menigte even opziet en weer eerbied ervoor voelt.

Is het mogelijk de schoonheid van gedichten uit te leggen? Men kan ervan spreken en zoo zijn bewondering overdragen. Ik kan mij levendig voorstellen dat iemand, beginnende de Verovering van Grol te lezen:

Ick sing den legertoght des Princen van Oranjen,

Die 'tjieyr van Spinola, en all' de maght van Spanjen

Met syn slaghordens tarte, in het bestoven velt,

En Dulcken de stadt Grol deed ruymen met géwelt

ik kan mij voorstellen dat hij van deze op de aanhef van de Aeneis geschoolde styleering niet onmiddelijk de schoonheid ziet. Maar als hij het geduld had het gedicht ten einde te lezen, dan zal het hem misschien treffen dat de kwatrijnen van het lied waaruit drie keer het refrein Prins Frederick heeft Grol opzingt, een melodie die men naneuriet, en die dan als de melodie van een volkslied klinkt, nauwkeurig de alleen ietwat meer onderstreepte zangtoon hebben van dat eerste kwatrijn. Waarin bestaat die zangtoon? In niets anders dan de bekoring die een niet pathetisch-aangezette, regelmatige scandeering hebben kan: de muziek van een

Si

Sluiten