Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

dieren bij elkander uit het aardsche paradijs. Dikwijls dan ook had ik in die nevelige reizigers over azuren heirwegen kameelen herkend, maar ik had er geen verdere aandacht aan geschonken. Nu echter werd ik op hun ruggen meegenomen, en op wonderdadige wijze naar een lang vergeten uur teruggevoerd. Hier voor dit venster, als een knaapje, dat mij nauwelijks tot het middel reiken zou. De onachtzaamheid van het dienstpersoneel heeft me vergeten, vader en moeder zijn op reis gegaan. En deze zelfde wolken verheffen zich boven de kimlijn, ze hebben een eendere gedaante, maar het verschil is, dat ze werkelijk in de bultige kemels veranderen, die me uit mijn prentenboeken vertrouwd zijn, en dat ze aan den oever van het water door halfnaakte mannen met waren uit het ruim van de schepen bepakt worden. En dan stappen zij de tuinpoort binnen, en naderen dwars over de bloemperken. Onder mijn uitkijkpost knielen ze neder, en de kisten en koffers gaan open, de touwen van de balen springen los. Heel de kleurige rijkdom, waarmee een verbeelding van vijf jaar de wereld vervuld denkt, sprankelt en stroomt voor mij neder. De eene karavaan volgt de andere. Tot aan den avond; want wanneer ik eindelijk door een kamenier word gevonden, valt al de schemering, en als ze me naar bed draagt, slaap ik op haar armen in.

Even, een droomen. Een stemmengerucht riep mij

17

Sluiten