Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET ONTSTAAN VAN HET MENSCHDOM.

„In den beginne schiep God den hemel en de aarde. De aarde nu „was vormeloos en ledig en duisternis lag op den afgrond en de „Geest Gods zweefde over de wateren. En God sprak: „Het licht „worde! En het licht werd."

Met deze plechtige woorden beschrijft M o z e s in de eerste regelen van Génesis, het eerste boek van den Pentateuch, het begin der schepping van de stoffelijke wereld.

God zelf kent geen begin, Hij is eeuwig. Gods almachtig bevel deed de aarde ontstaan uit het niet, aan Hem dankt ook de mensen zijn oorsprong. De aarde werd door den Schepper versierd met het planten- en dierenrijk, om voor den mensch een verblijfplaats te worden overeenkomstig diens waardigheid. Eerst daarna schiep God den mensch. Hij vormde A d a m s lichaam uit aarde, d.w.z. uit bestaande stof. Hij riep de ziel in het wezen uit het niet en vereenigde haar met het lichaam. God vormde Eva uit Adam en verbond haar door het huwelijk met den man. Naast de verheven gave van het verstand en den vrijen wil verrijkte God de eerste menschen met het bovennatuurlijk leven der genade, waardoor zij voorbestemd werden voor een eeuwige gelukzaligheid in de onmiddellijke aanschouwing Gods. Adam en Eva ontvingen van God het P a r a d ij s of E d e n, om daar hun leven gelukkig en in voorspoed door te brengen en daarna, zonder de beproeving van den dood, den Hemel in te gaan. Dat geheel het bestaande menschdom van Adam en Eva afstamt, is z e k e r en een leerstuk van het Katholiek Geloof.

De zonde van het eerste menschenpaar heeft de harmonie in de schepping verstoord. Zwaar kwam het vonnis der Goddelijke Gerechtigheid neer op Adam en het menschelijk geslacht: „Omdat gij „naar de stem uwer vrouw geluisterd en gegeten hebt van den boom, „waarvan Ik u geboden had niet te eten, zij de aarde gevloekt in uw „werk; in veel arbeid zult gij er van eten alle dagen uws levens. „Doornen en distelen zal zij u voortbrengen en gij zult het kruid der

i

Sluiten