Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

14

schap, 605—537. Kort daarop brak in Juda een opstand uit. Toen ondernam Nabuchodónosor voor de tweede maal een krijgstocht naar het land, Jeruzalem en de tempel van Salomon zijn verwoest, 586.

In de geschiedenis der beschaving nemen de Israëlieten een geheel eigen plaats in. Een groot wereldrijk hebben zij nooit gesticht, maar om andere redenen zijn zij een der belangrijkste volkeren der Oudheid, om hun letterkunde en hun godsdienst. De boeken van het Oude Testament bevatten mee van de prachtigste stukken der wereldliteratuur, bijv. de psalmen van David, het Hooglied van Salomon, de klaagliederen van Jeremias. In vele talen van Europa, met name de Nederlandsche, vindt men tal van uitdrukkingen, die aan den Bijbel ontleend zijn. In elke letterkunde oefent het Oude Testament een grooten invloed uit (Jozef in Dotan, Lucifer, Jephta van Vondel). De godsdienst der Israëlieten stond hooger dan die van elk ander volk. De wetgeving van Mozes bevat' de geloofsleer der Israëlieten en hun zedeleer. Zij alleen kenden het geloof aan één God, in het Hebreeuwsch: Jahwè. De slavernij bestond onder hen wel, maar in veel zachter vorm dan elders.

§ 4. De Phoeniciërs.

Het land der Phoeniciërs bestond slechts uit een smalle kuststrook ten westen van den Libanon in Syrië. De bodem was te onvruchtbaar, dan dat de bewoners in den landbouw een goed bestaan hadden kunnen vinden. Maar buitengewoon gunstig lag Phoenicië voor den handel. De groote verkeerswegen tusschen Zuid, Oost, Noord kruisten elkander hier en westwaarts golfden de wijde wateren van de Middellandsche Zee.

Sidon ± 2000—± 1200. Van groote beteekenis is de zeevaart der Phoeniciërs. Sidon, met tal van andere kuststeden, was daarvan omstreeks 2000 het middelpunt. Die zeevaart leidde tot ontdekkingstochten, deze tot koloniseering. Alleen op Cyprus heeft Sidon een eigenlijke kolonie gesticht, elders bleef het bij de vestiging van factorijen. Het verkeersgebied strekte zich uit over de zuidkust van Klein-Azië, de Aegeïsche Zee, de Zwarte Zee. In die verre landen dreven de Phoeniciërs ruilhandel met onbeschaafde inboorlingen,

Sluiten