Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

io4

Constantijn, 312—337, werd de eerste christen keizer, die over het Romeinsche Rijk regeerde.

Het Edict van Milaan, 313 1). Zijn overwinning is gevolgd door de zegepraal van het Christendom over het polytheïsme door de afkondiging vanhetEdict vanMilaan, waarbij de twee godsdiensten voor de wet gelijk gesteld zijn.

Het lijkt alsof dit keizerlijk decreet plotseling in de geschiedenis verschijnt*, maar het is voorbereid door de gestadige ontwikkeling van het Christendom. De oorzaken van de nu bereikte bevrijding uit de vervolging zijn deze:

1. de heldhaftige naastenliefde der Christenen, vooral ten tijde van epidemieën, de dappere vergevensgezindheid, volgehouden ook te midden van het uiterst geweld, deden de aanvankelijke afkeer onder het volk verzwakken en ten slotte overslaan in waardeering;

2. de overeeristemming tusschen leer en leven der Christenen viel op den duur in het oog en wekte de bewondering der heidenen;

3. het Christendom wist zijn religieuze zelfstandigheid te handhaven tegenover de hellenistische dwalingen onder de leiding der pausen;

4. ofschoon de Christenen in 300 nog niet het tiende deel der bevolking telden, hadden zij hun leer reeds doen doordringen in alle geledingen der maatschappij buiten de catakomben; het Christendom was een cultuurmacht geworden, sterk genoeg om de taak van het Hellenisme zooveel beter over te nemen.

De Oudheid kende geen godsdienstvrijheid, de religie was altijd een onderdeel van de staatsmacht geweest. Constantijn erkende de Kerk als een zelfstandige organisatie met eigen rechtspersoonlijkheid en gaf haar de verloren kerken en goederen terug. Uit deze gelijkstelling met het polytheïsme is in korte jaren de bevoorrechting van het Christendom gegroeid. Het Edict van Milaan wordt daardoor een keerpunt in de geschiedenis der menschheid. Constantijn zelf werkte deze ontwikkeling in de hand. Ineen van zijn volgende decreten heeft hij midden in de nog grootendeels heidensche wereld o. a. voorgeschreven, dat d e Zondagsviering algemeen zou worden ingevoerd.

Het Christendom heeft zich niet gewroken op de vroegere, bloedige vervolgingen, nu de rollen waren omgekeerd en het zich mocht verheugen in de samenwerking van Kerk en Staat.

1) Zie over het Edict van Milaan: P r o f. D r. J o s. S c h r ij n e n, Konstantijn de Groote en het Edikt van Milaan, uitgegeven vanwege de Apologetische Vereeniging Petrus Canisius, 1913-

Sluiten