Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SS*

vatten hun werk van verwoerting, de koningen van Engeland misten de energie en de bekwaamheid om htm te weerstaan. De tiende eeuw gaat geheéj voorbij in een eindeloözen, ontmoedigendfcttislicijd tegen de barbaren uit het Noorden. Ten einde raad sloten de Angelsaksische koningen verdragen met den vijand, die even snood verbroken als duur bezworen werden. Op den duur kregen de schattingen, die aan de Noormannen opgebracht móesten wordend het zgn. Danegeld, het 'karakter van een drukkende belasting» Wat met kracht niet kon bereikt worden, wilde men ten slotte vérkrijgen door verraad. In den St. Bricciusnacht (13 Nov.) deed in 1002 een koninklijk bevel een groot-aantal Denen 'Vermoord worden. Dit bloedbad is het einde geworden der Angelsaksische onafhanbelijkneid. De Dëensche koning S v e n toog uit, bloedwraak vawïrijn doel, Engeland werd platgebrand en veroverd. Zijn zoon, dg' machtige Kanoet, erfde de heerschappij over de Angelsaksen. Maar met hem eindigde toch ook de barbaarschheid, zijn bestuur was weldadig. Na zijn dood wagen de Angelsaksen een opstand, de H. E du a f'tfede B e 1 ij d e r, 1042—1066, herstelde de onafhankelijkheid.

§ 3. De Vestiging van het Duitsche Rijk.

Koenraad I van Frankenland, wist zijn gezag ternauwernood te handhaven tegen de rijksgrooten, van wie de hertog van Saksen de machtigste was. Hij stierf in den bloei zijner jaren en had in het belang van het rijk, zijn broeder den raad gegeven mee te werken tot de verkiezing van hun tegenstander Hendrik van Saksen. Met dezen vorst kwam het Saksische Huis aan de regeering.

Hendrik I, de Stedenstichter, ± 925, is er in geslaagd werkelijk de eerste koning van het Duitsche Rijk te worden. Het rechtstreekse^ bestuur van Karei den Grooten te herstellen, dat vermocht hij niet. De stam-hertogen waren soeverein in hun gebied, voerden zelfs op eigen gezag hun afzónderlijke buitenlandsche politiek; hen terugbrengen tot koninklijke ambtenaren, daartoe schoot de macht van Hendrik, die alleen in Saksen en Thuringen als landsheer gebood, te kort. Maar hij heeft zich weten te doen erkennen als den oppersten leider van den Duitschen statenbond. Al de her-

Sluiten