Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

176

Haar brandpunt werd Al bi, vandaar de naam Albigenzen. De kenmerkende eigenschappen van hun leer zijn de volgende:

1. Zij stellen zich voor het bestaan van een tweeledige Godheid, den goeden God, Schepper van de onzichtbare wereld, den kwaden God, Schepper van de Zichtbare wereld, een manicheïstische theorie.

2. Zij ontkennen de Menschwording van Christus en het werk der Verlossing.

3. Zij verwerpen het huwelijk en tasten daarmee het huisgezin aan.

4. Zij bestrijden het bestaansrecht van de Kerk en plaatsen tegenover de hiërarchie een eigen organisatie.

Dat was bijna geen christendom meer. De dwaling tastte alle standen van de maatschappij aan. De Fransche geestelijkheid wist het gevaar niet te keeren, daartoe was de energie van Paus Innocentius III noodig. Hij Zond in 1207 denH. Dominicusom door woord en voorbeeld de Albigenzen van hun ongelijk te overtuigen. Maar in 1208 werd een der pauselijke legaten, uitgezonden ter bestrijding van de ketterij, vermoord niet zonder mede-verantwoordelrjkheid van den graaf van Toulouse. Toen deed de Paus een beroep op den koning en den adel van Frankrijk om de rechten van de Kerk te handhaven, de kruistocht tegen de A1bigenzenbegon, 1208—1226.

Het verloop is geheel anders geweest, dan Innocentius III gewild had. Het werd een zuiver-politieke oorlog om staatkundige belangen, geen kruistocht meer, hoezeer de Paus zich daartegen Ook verzette. De graaf van Toulouse wist de tegenpartij in den burgeroorlog, niettegenstaande een gruwelijke verwoesting van Languedoc, op een afstand te houden, zoodat deze ten slotte Filips II Augustus in het geding haalde. Daarop had de koning gewacht, hij maakte de annexatie klaar voor zijn opvolger. Lodewijk VIII trok in 1226 met een leger naar het zuiden en herstelde de orde. Languedoc en Toulouse werden gevoegd bij het koninklijk domein, alleen de steden Albi en Toulouse bleven nog als leen in handen van hun graaf.

Omstreeks 1225 vormden de Rhöne en de Saöne de Oostgrens van Frankrijk. Ten oosten daarvan lagen het graafschap Boergondië, Savoie, DauphinéenProvence, leenen van het Duitsche Rijk. Guyenne en Gascogne vormden in het westen het overtt^Esel van de voormalige heerschappij der Plantagenets.

Sluiten