Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i8o

Padua stierven eenige duizenden burgers op het schavot, het Lombardijsch Stedenverbond moest in 1237 bukken voor de overmacht.

Terzelfdertijd veroorloofde de dwingeland zich ook allerlei geweld tegen de Kerk, hij eigende zich kerkelijke goederen toe, deed geestelijken, die tegen hem protesteerden, in de gevangenis werpen, gaf algemeen ergernis door zijn zedeloos leven: GregoriüS IX sprak in 1239 weer het banvonnis over hem uit.

Frederik protesteerde, men had hiffli; Valschehjk beticht, hij beriep ziek: öj) een algenwn eowalie tegen de pauselijkejuitspraak. Er wordt in 1240 werkelijk een kerkvergadering bijeengeroepen door Gregorius. Maar de schepen uit Genua, die de vreemde prelaten naar Rome zouden overbrengen, werden door de keizerlijke vloot opgewacht en de hooge geestelijken, meer dan honderd, in keizerlijke gevangenissen in Apulië gezet. Meteen rukt Frederik zelf met een leger tegen Rome op, sluit de stad in, doch kan haar niet veroveren. Er wordt natuurlijk geen concilie gehouden.

Heel Italië stond onderstboven, maar Duitschland ook. De keizer liet het Duitsche Rijk vrijwel aan zijn lot over, dat bleek duidelijk bij den inval der M o n g o 1 en. Omstreeks 1200 had Temuds c h i n, hun koning, een machtig Midden-Aziatisch rijk veroverd, van Peking tot aan de Tigris. Een kwart eeuw later kwam een half millioen van deze barbaren door de Kaspische Poort Europa binnengolven. Rusland, Hongarije, Polen werden grootendeels in woeste.nijen veranderd, in 1240 stond de grimmige aanvaller over de Oder. Breslau ging in vlammen op. Toen was het niet de keizer, die het schrikkelijk gevaar afwendde van de Duitsche landen, een simpele leenman volbracht, wat de leenheer verwaarloosde. Hertog Hendrik van Silezië weet 30.000 ridders onder zijn banier te vereenigen en als een tweede Leonidas waagt hij den slag tegen de horden der barbaren in 1241 bij L i e g n i t z.

Het leger was in vijf gelederen opgesteld, een er van gevormd uit ridders van de Duitsche Orde. Het veel sterkere aantal der vijarïclén maakte de zegepraal onmogelijk, dë meeste ridders vonden dapper den dood. Ook hertog Hendrik sneuvelde. Maar de heldhaftige tegenstand der Dttrksche ridders bereikte toch het succes, dat de Mcngolen terugkeerden naar Hongarije. Duitschland was gered. Tijdgenooten verhalen, dat de Mongolen negen zakken, gevuld met ooren van de gesnoeide chrastjepen, zouden meegenomen, hebben als zegeteekenen ... [tjijtg;

In datzelfde jaar 1241, zoo kritiek voor geheel Europa, hield Frederik II zich onledig met de verwoesting van den Kerkdijken Staat

Sluiten