Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

300

het Parlement, doch in den grond; ljgp de twist over het absoluut koninklükvgezag. Karei verdaagde het Parlement, wanneer het voor zijn rechten, vooral dat van belastingheffing, tegen hem opkwam.

Petition of rig-ht. Toen de poging om la Rochelle te ontzetten mislukt was, wilde het Parlement geen geld meer toestaan, tenzij de koning eerst de petition of right onderteekénde, waarbij bepaald werd, dat geen Engelsch burger in strijd met de landswetten in hechtenis mocht genomen en geen belasting buiten toestemming van het Parlement geheven worden. Maar de koning bekommerde zich er niet om, volgde den raad van zijn minister lord Strafford, en ontbond de vertegenwoordiging. Hij regeerde e 1 f j a r e n lang, 1629—1640, zonder Parlement en zette het eigenmachtig belastingheffen op nog grooter schaal voort; want even jjÖïïékeurig als Jacobus bij haltonnen- en pondengeld, ging hij ook te werk bij de inning van het „scheepsgeld", een belasting op de huizen, waaruit het onderhoud der vloot werd bekostigd.

De Puriteinen. De oppositie tegen den koning en Strafford ging hoofdzakelijk uit van de partij der Puriteinen. Hun leiders waren de koopman John Hampden, die het eerst geweigerd had het scheepsgeld te betalen, de advokaat Saint John en later C r o m w e 11. De Puriteinen waren in den godsdienst streng CMvinistisch en in de ppfótiek de democratische richting toegedaan. Tegen hen gebruikte de regeering twee machtige rechtscolleges: de Sterrekamer voor politieke misdrijven en de Hooge Commissie voor kerkelijke zaken. Deze maakten zich bij de Puriteinen bijter, gehaat wegens hun hardvochtige strengheid; vele dissenters namen de wijk naar Amerika.

Het Korte Parlement. Zoo lang de koning volstaan kon met de opbrengst van 's lands belastingen en zijn toevlucht niet behoefde te nemen tot het Parlement, was hij in aflaat eigenmachtig te regeeren. Maar wanneertvkaj buitengewone middelen noodig had, diende hij het weer bijeen te roepen. Die dag kwam door zijn optreden in Schotland. L a u d, de aartsbisschop van Canterbury, de vriend van Strafford, wilde den ArigBkaanschen eeredienst ook in Schotland invoeren, dat overwegend Calvinistisch was. De Schotten verzetten zich hiertegen en sloten het Cóvenant, om desnoods met wapengeweld het Calvinisme te handhaven. Nu zag de koning zich genoodzaakt een leger op de been te brengen en hiervoor was geld noodig. Het gemis van een staand leger, zooals dat

Sluiten