Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

34

aan bij den derden stand, die nu het grootst aantal leden telt. 17 Juni 1789 nam deze vergadering het besluit zich te verklaren tot Assemblée Nationale. Daardoor gaf zij te kennen desnoods buiten de andere twee standen om, de regeeringszaken te Zullen aanpakken. De hofpartij, die met leede oogen dit eigenmachtig optreden gadesloeg, wist den koning te overreden om tusschenbeide te komen. Toen nu de afgevaardigden van den derden stand 20 Juni wilden vergaderen, vonden zij de deuren van hun zaal gesloten en bewaakt. De bevelvoerende officier deelde hun mede, dat deze in orde moest gebracht worden voor een séance royale.

Assemblée nationale constituante, 20 Juni 1789. Toen trokken de afgevaardigden naar de nabijgelegen salie du jeu de p a u m e. Daar vergaderen zij. B a i 11 y is voorzitter. Daar leggen zij den eed af niet uiteen te gaan, vóór zij Frankrijk een constitutie zullen gegeven hebben: een revolutionnaire daad, een rechtstreeksche aanslag op de absolute monarchie, want de koning had de vergadering bijeengeroepen om de financiën te regelen en niet om een grondwet te maken. Zoo ontstond de Assemblée nationale constituante, kortweg Constituante genoemd.

Koninklijke zitting. 23 Juni had de séance royale plaats. Necker, die de gezamenlijke vergadering der standen gewenscht had, woonde de koninklijke zitting niet bij. Lodewijk XVI voerde het woord en gaf als zijn koninklijken wil te kennen, dat er in den regel afzonderlijk zou vergaderd worden en alleen nu en dan gezamenlijk. Hij besloot met de woorden: „Ik gelast de heeren nu uiteen te gaan en morgen ieder in zijn afzonderlijke zaal te vergaderen." Allen gingen heen, maar de tiers-état bleef.

Zij beschouwden de plechtigheid als afgeloopen en wilden hun werkzaamheden voortzetten. De koninklijke ceremoniemeester stelde hun de vraag:

„Messieurs, vous avez entendu 1'ordre du roi?"

Waarop Bailly met eenige andere leden even confereerde.

Mirabeau antwoordde daarna, dat men het bevel wel degelijk gehoord had, maar dat de ceremoniemeester in de vergadering niets te zeggen had:

„Allez dire a ceux qui vous envoient, que nous sommes ici par la volonté du peuple et qu'on ne nous en arrachera que par la force des baïonnettes."

Lodewijk XVI gedroeg zich tegenover het geval weinig koninklijk. Op het rapport van den ceremoniemeester antwoordde hij:

„lis veulent rester. Eh bien, qu'on les laissel"

Zeer laconiek en zeer waar merkte Siéyès in de vergadering op: „Nous sommes maintenant ce que nous étions hier. Délibérons."

Sluiten