Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

43

§ 3* Het werk van de Constituante.

De Jacobijnen. In de Constituante waren de verdedigers van de onbeperkte koninklijke macht en van de rechten der Kerk van den beginne af aan in de minderheid. De meerderheid verlangde een grondwet en wilde de denkbeelden van de Verlichting in toepassing brengen. De theorieën van Voltaire, Montesquieu en Rousseau oefenden grooten invloed op de besluiten der vergadering.

Bepaalde partijen waren er niet. De eerste politieke clubs zijn geweest die van de Jacobijnenen van de Cordeliers. De Jacobijnen stonden in nauwe relatie met de Vrijmetselarij. Van Parijs uit werden in bijna alle steden aangesloten clubs opgericht, die het wachtwoord ontvingen uit de hoofdstad. Door deze organisatie kregen de Jacobijnen grootere macht in het land dan de Constituante. Zij waren tegenstanders van het koningschap als zoodanig, al wilden zij aanvankelijk de persoon van Lodewijk XVI nog ontzien. Robespierre was een der oudste leden.

De club der Cordeliers was ronduit de republikeinsche idee toegedaan. Zij werd gesticht door Danton en Camille Desmoulins.

De Kerk had van deze weldra machtige clubs niets dan vijandschap te verwachten.

In de Constituante heerschte dikwijls een grenzenlooze verwarring, het gevolg van een volslagen gemis aan parlementaire ervaring: de meeste afgevaardigden hadden nooit iets te maken gehad met het bestuur. Sedert de verhuizing naar Parijs werden vele besluiten genomen onder den invloed van het publiek op de tribune, dat de vergadering overschreeuwde, niet zelden bedreigde.

La Déclaration. Na de nachtelijke zitting van 4—5 Augustus begon de Constituante aan de behandeling van de grondwet. Op voorstel van La Fayette ging daaraan vooraf een beginselverklaring omtrent de rechten van den burger.

Mirabeau, de knapste redenaar en staatsman van de vergadering, maar geminacht om zijn zedeloos leven, had er tegen gewaarschuwd. Hij voorzag en vreesde de gewelddadige revolutie, al was hij een voorstander van een van boven af geleide, ordelijke omwenteling. Hij vond het beter den Pranschen burger eerst zijn plichten voor te houden zonder.hem te misleiden door allerlei schoone en vage beloften. Maar Mirabeau bezat het vertrouwen der vergadering niet.

De Constituante besloot dus tot de afkondiging van La déclaration des droits de 1'homme et du citoyen:

Sluiten