Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

i8g

als werk- cn beweegkracht na 1815 overal in Europa in toepassing kwam en omstreeks 1850 reeds nooit-gedachte resultaten had opgeleverd, deelectriciteit begint weldra ook haar overwinningstocht door de beschaafde staten der wereld.

Een Amerikaan, Morse, te New-York, ontdekte in 1845 <k c o d etelegraaf. Daarop volgde in 1851 de eerste onderzeesche kabel van Dover naar Calais, in 1866 de eerste transatlantische van Valencia (Ierland) naar New-Foundland. Bell te Boston stelde de telefoon op in 1877, Edison verrijkte de verbaasde wereld met het electrisch licht in 1879.

Stoom en electriciteit hebben aan de maatschappij haar minder gelukkige reputatie van gejaagdheid gegeven en de Europeesche staten binnen opvallend korten tijd geplaatst in het teeken van het cosmopolitisme.

Engeland is daarin heel Europa aanvankelijk vooruit geweest. Wel speelt deze mogendheid van 1848 af een belangrijke rol in de internationale verhoudingen, maar slechts nu en dan een overwegende. Het land concentreert zijn aandacht bij voorkeur op zijn economisch en koloniaal overwicht. Dat was het begin van een wereldpolitiek, waarin later andere machten het volgen zullen.

Acte van Navigatie. In 1849 werd de Acte van Navigatie ingetrokken, een overwinning der voorstanders van het vrijhandelsbeginsel. De vaart op alle Engelsche havens is sedert voor alle landen onbelemmerd opengebleven tot 1914.

Na 1850 brak voor Engeland een tijdperk van groote welvaart aan. De ij z e r i n d us t r i e van Birmingham, de wolf abrieken van Leeds, de katoenn ij verheid breidden zich enorm uit. Liverpool werd de grootste haven op Amerika. Gelijken tred daarmede hield de vooruitgang van Engeland's scheepvaart, die kort na 1850 reeds een geregelde stoomvaart op Canada en Australië kon openen.

Opheffing van den Sont-Tol. Van veel belang voor het internationaal verkeer was de opheffing van den verouderden Sonttol, 1857.

De Vereenigde Staten gaven daartoe den stoot. Zij weigerden kortweg de belemmerende belasting te betalen. Toen nam Denemarken het initiatief tot een conferentie der meest belanghebbende mogendheden. Tegen een schadeloosstelling van ongeveer f 30.000.000 (Nederland betaalde f 1.900.000) hief de Deensche regeering den tol op en verbond zich voor de veiligheid van den drukken verkeersweg te zorgen. Engeland profiteerde er hetmeestvan. Ongeveer 20.000 schepen waren in 1856 langs Kopenhagen gepasseerd, van welke 4800 onder Engelsche vlag, meer dan het aantal van welken anderen staat ook.

Sluiten