Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

x9°

Palmerston. Sedert 1847 bleef de liberale partij bijna onafgebroken gedurende 30 jaar aan het roer in Engeland. De tijd der groote maatschappelijke hervormingen was voorloopig afgeslotenDe liberalen hielden zich bij voorkeur aan het beginsel der Manchester-school, die een vijand is van inmenging van den staat in deeconomische verhoudingen. De meest op den voorgrond tredende minister was in dezen tijd P a 1 m e r s t o n. De verontwaardiging: over de jammerlijke intendance in het Engelsche leger tijdens den Krim-oorlog bracht hem in 1855 aan het hoofd van de regeering en tot 1865 is hij de leider gebleven, behoudens een korte tusschenpooze. Met vaste hand stuurde hij het schip van staat, een vast-rheid, die te dikwijls oversloeg tot brutaliteit en machtsmisbruik(„Right or wrong, my country"). Alles moest wijken voor de belangen van Brittannië.

Koloniale Politiek. Engeland begon een nieuw koloniaal systeem in toepassing te brengen: de invoering van autonomie in de grootere, samenhangende gebieden. Allereerst kwamen de bloeiende NoordAmerikaansche bezittingen hiervoor in aanmerking.

Canada werd georganiseerd in een zelfstandigen staat, het D ominion of Canada, een federatie, met een regeeringsvorm als die van de Vereenigde Staten, behoudens dat de gouverneur aangesteld bleef door Engeland en het recht van veto behield, 1867.. Bij deze federatie zijn achtereenvolgens bijna al de landen van Britsch-Noord-Amerika gevoegd, van de Hudsons-baai tot Vancouver, welke vereeniging in 1873 voltooid werd.

Ook Aastralie profiteerde van het beleid der Engelsche regeering. In 1851 werd in Nieuw-Zuid-Wales en Victoria goud ontdekt. De bevolking nam sedert met overstelpende snelheid toe. Het gevolg was, dat het landbouwgebied zich.! sterk uitbreidde en de Europeesche kolonisten meer en meer terrein wonnen op de tot uitsterven gedoemde Australische negers. Ook hier legde Engeland omstreeks 1860 den grondslag tot de latere autonomie, door aan deze koloniën een groote zelfstandigheid te geven.

Voor-Indië. Nog steeds had de Engelsche Oost-Indische Compagnie (sedert 1600) het bestuur over Voor-Indië in handen. Dat liet veel te wenschen over. Het tyranniek optreden der ambtenaren veroorzaakte in Delhi een gevaarlijken opstand der S e p o y s, die snel en stelselmatig zich uitbreidde, 1857. De meeste garnizoenen raakten door een overmacht van fanatieke Hindoe's ingesloten,, maar hielden taai stand. D e h 1 i is nog in 1857 ontzet, L u c k n o w

Sluiten