Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

239

II, 1894—1918, regeerde volgens de regelen van het eeuwenoud despotisme. De onderdrukking der Polen werd voortgezet, in 1901 is aan Finland zijn autonomie ontnomen. Maar de oorlog bracht het bederf der bureaucratie aan het licht, de economische ellende onder het volk deed de ontevredenheid tot uitbarsting komen. De sociaal-democratische theorieën vonden in Rusland gereeden ingang, ook onder de meer ontwikkelden. De burgerij verlangde een grondwet, de boeren grond, de arbeiders hooger loon en korteren arbeidsduur.

Een Russisch pope, G a p o n, begaf ach in Januari 1905 aan het hoofd van een ontelbare menschenmenigte te St. Petersburg naar het winterpaleis, om daar den czaar den nood van het volk kenbaar te maken. Maar kozakken dreven ^le manifestanten uiteen, er vielen honderden slachtoffers op den beruchten „Zwarten Zondag". Het antwoord daarop was een aanslag op grootvo -st S e r g i u s, die door een bom in stukken gereten werd. In den zomer brak over Rusland en Siberië een algemeene werkstaking uit, georganiseerd door de sociaal-democraten. Post, telegrafie, spoorwegen raakten in het ongereede, adellijke kasteelen werden door de boeren geplunderd. Leger en vloot sloegen over tot muiterij, de eene aanslag volgde op den anderen, de maatschappij ging onderstboven, als in Frankrijk in 1789. De trouwe kozakken gingen het geweld te keer met geweld, maar zoo bleek de revolutie niet te bedwingen. Nicolaas II, een man van zwakke wilskracht, zocht aarzelend en tastend uitkomst in hervormingen, tegengewerkt door de starre bureaucratie.

De Doema. Bij keizerlijk decreet stelde hij een volksvertegenwoordiging in, de Doema, aan wie de wetgevende macht werd toevertrouwd. Het kiesrecht is geregeld, vrijheid van vereeniging en vergadering verzekerd. Dus volgden in 1906 de eerste Russische verkiezingen. Een der voornaamste partijen werd gevormd door de K a d e 11 e n, dat zijn de Konstitutioneele Democraten. De naam is ondeend aan de beginletters K(a) en D(et). De vertegenwoordiging bedierf veel door al te hard van stapel te loopen. Het gevolg was, dat de czaar nog in 1906 deze eerste, haast revolutionnaire, vergadering ontbond. De tweede Doema, 1907, vertoonde het merkwaardig verschijnsel, dat 300 der afgevaardigden niet lezen of schrijven konden.

Getrapte Verkiezingen. Er viel niet mee te regeeren, de vergadering werd weer naar huis gezonden en meteen veranderde de czaar het kiesrecht bij decreet door getrapte verkiezingen in te voeren, 1907. Het democratisch element heeft daardoor niet meer de meerderheid in de Doema kunnen veroveren, maar een meer

Sluiten