Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

251

en Duitschers. Het steunde vooral op de katholieke Bohemers, hun taal is in officieele aangelegenheden gelijk gesteld met de Duitsche, maar de autonomie van Hongarije kon aan Bohemen moeilijk verleend worden, om de staatkundige eenheid van het rijk nog niet meer te verzwakken.

Los-van-Rome-beweging. In den taalstrijd werd ook een godsdienststrijd gemengd, de zoogenaamde Los-van-Rome-beweging. Keizer Frans Jozef was voorstander van een verzoenende politiek ten opzichte van de Slavische kwestie en vond daarin steun bij de katholieke geestelijkheid en den eminenten leider van de christehjk-sociale partij, L u e g e r, die in 1897 burgemeester van Weenen werd en tot zijn dood, 1910, de onvermoeide tegenstander bleef van de sociaal-democratie en het liberalisme. Onder de Duitschers waren er velen, die de vrees koesterden, dat de verzoeningspolitiek zou kunnen uitloopen op een nederlaag voor jien. De heftigsten bepleitten zelfs het denkbeeld, dat Duitsch Oostenrijk weer in het verband van het Duitsche Rijk zou opgenomen worden. Vandaar hun propaganda voor het protestantisme, gesteund door den Duitschen Evangelischen Bond. Deze beweging heeft veel gerucht gemaakt, maar weinig bereikt.

Onder het ministerie-Badeni, 1895—1897, kwam het in den taalstrijd tot een crisis. De regeering schreef voor, dat na 1 Juli 1901 alle ambtenaren in Bohemen en Moravië de Duitsche en de Tschechische taal zouden moeten beheerschen. Voor de Tschechen was dat geen bezwaar, de Duitschers echter kenden alleen Duitsch: hun partij in den Rijksraad greep naar het wapen der obstructie. Redevoeringen van twaalf uur, gefluit, geklep met den lessenaar, de vergaderingen leken op een gekkenhuis, de politie moest meermalen ingrijpen. Badeni gaf het op; de vijf volgende ministeries, tot 1910, waren niet gelukkiger, de regeering liep spaak. Krachtens artikel 14 van de constitutie werd het bestuur geregeld bij keizerlijke ordonnantiën, nu deRijksraad als afwezig kon worden beschouwd. Feitelijk bestond in Oostenrijk sedert 1897 weer de absolute monarchie.

Hongarije profiteerde van de verdeeldheid in Oostenrijk. De liberale regeering misbruikte de constitutie van 1867 om het land geheel Magyaarsch te maken. Uit dit nationalisme ontstond de mdependenten-partij van Koss uth, die aanstuurde op losscheuring van Oostenrijk met behoud van de dynastie. Zij eischte o.a. voor Hongarije een eigen leger, maar Frans Jozef wilde daarvan niets weten. Ook de invoering van algemeen kiesrecht in Hongarije en Oostenrijk, 1907, bracht niet de gewenschte verbetering. De inner-

Sluiten