Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

75

II.

Ik ben een zwerver op een eenzaam eiland En op de golven van de wije zee Voer mij een schip voorbij, dat 'k kon beroepen: Och schipper, neem me op je bodem mee!

Maar 'k zweeg, en dacht wat 'k kon verliezen: Een eigen eiland en een wijd gezicht. Nu is 't te ver, dat kleine witte scheepje. En aan mijn einder zwijmt het late licht.

III.

Haar stem gaat vrij,

Als aan de zwaarte van mijn ernst ontwassen. En licht en vroolijk zijn haar meisjes-passen.... Toch is 't voor mij!

Ze waant zich vrij en aan haar liefde ontwrongen. Ze voelt zich als een geitje in de wei. Toch zijn de dwaaste van haar dwaze sprongen Voor mij!

Sluiten