Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

95

wondere ziel, die mij tot een wereld zal vullen, onvergankelijk en over dood en leven heen?

Zal ze nog komen, of ben ik haar al voorbijgegaan? Zóó haastig heb ik geloopen, zóó luid heb ik gesproken, zóó gretig heb ik genomen! Misschien, dat zij er was, dat bloemezieltje in het lichaam van een vrouw, en dat ik haar niet zag, dat ik haar niet hoorde, of (wee mij, overmoedige), dat ik haar genomen heb, onwetend, onder het vele, en haar met het vele heb verworpen !

Och, geef mij het sprookje weer, het sprookje, dat dood en leven vereenigt in een zelfden Tuin van eeuwige Jeugd.

Wat is de sleutel ? Ik wil dit alles ontberen, ik wil dit alles vergeten, ik wil, als dat nog kan, ongedaan maken, dat ik den top des levens heb veroverd: voor den sleutel tot het sprookje van mijn oorsprong!

En de papaverzieltjes, die gevleugelde zonnekinderen, die ik al weer o zoo goed versta, ze zeggen : Liefde is de sleutel! Maar je moet zelf zoeken naar de poort!

En de blauwe vogels, die mij nooit verlieten, zingen in mijn oor: Liefde is de sleutel! Boodschap het aan de wereld, jij, die een kind bent der komende eeuwen. Liefde is de gouden sleutel van de gouden poort, die je nu moet vinden. Zij is er, machtig en hulpeloos, verlangend en sprakeloos, offervaardig en meedoogenloos verborgen achter de sluiers van Maja, die je zelf verscheuren moet.

En aan de andere zijde is het eeuwige sprookje.

Sluiten