Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

21

een suiswind omlaag, de andere bleef klapperend wie* gen op een uitstekende tak. We hebben ze! we hebben ze! schreeuwden ze van beneden. Ze werden verdeeld en naar huis meegenomen.

— Wat lach je halfwijs, zég ben je wel snik? viel mijn* heer ineens uit. Al geef je niet om ons, daarom kan je je fatsoen nog wel houden zoolang je aan tafel zit! Je hoeft ons behalve te negeeren niet nog de gek aan te steken ook!

Theodorik was ellendig getroffen, maar kort. Het werd hem even wrang om de oogen, maar wie zichzelf was, kon door een verkeerd oordeel niet gauw bezeerd worden. Hij veegde met één streek zijn gevoelens weg, 't werd hem koud en ijzerhard, maar meteen brak een breede glimlach door, en met genoegen omdat iemand er zóó heelemaal naast kon zijn, vertelde hij:

— Bij gebrek aan gesprek zat ik mezelf van binnen te bekijken, en daar piepte toen een lastig geval voor de Haagsche Post. En daarop als in trance, met droomstem droeg hij voor:

— Uit A. vertrekt 's morgens een voetganger naar B. om twalef minuten over zeven met een snelheid van 5,2 K.M. per uur. Uit B. vertrekt om acht uur acht een wandelaar naar A. met een vaart van 5.4 K.M. Als de afstand tusschen beide plaatsen 43 K.M. bedraagt, wan* neer zullen ze elkaar dan ontmoeten?

Hij wachtte even, voor zich kijkend, ging dan net zoo voort:

— Enkele juiste antwoorden:

1. Nooit. Ze krijgen het volk achter zich aan en wor* den daarom door de politie opgeborgen.

Sluiten