Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

139

ken en rijdend materieel: zeker zéven aan 3e buiten* zijde hingen mee. Waarna Oom doodbedaard terugkeer* de, de staf op schouder.

Onder 't eten vroeg Theodorik hem er naar hij

verklaarde dadelijk alles. Hij had een geheel origineel railsveld ontworpen waar vier goederentreinen naast elkaar ontbonden konden worden in factoren en uit elkaar's onderdeelen weer samengesteld in een minimum van tijd. Daar waren acht tegelijk naast elkaar rangee* rende locomotieven voor noodig en acht maximaal ge* compliceerde wissels. De grondidee was ontleend aan de wijze van in elkaar loopen van sporen in de hoeken van emplacementen bij stootblokken waar krachtig be* zuinigd moest worden op de rangeerruimte door de na* bijheid van een overweg of een brug, en waar de samen* komende sporen moesten worden weggewerkt, maar productief. Voor proef had hij nu de hulpmachine voor ongevallen op de lijn uit Apeldoren opgebeld, meldende dat er bij hem een ontsporing was. Bij het verschijnen er van had hij de bemanning toegedonderd: „Naar de hoeken van 't rangeerterrein!! rommelen, opruimen, er heen en weer zitten op de doode rails en ingewikkelde wissels!! zand* en kolenwagens sorteeren en combinee* ren!!" Toen men dit niet gedaan had — ze hadden ook groot gelijk, vond Oom, er waren hier niet eens hoeken aan het amplassement om in te rangeeren, wat was dat hier ook voor een station! — had hij hun bevolen, her* haaldelijk bevolen, en ten slotte gelést, naar Deventer door te rijden: hij had geen capaciteit om een machine op zijn terrein te laten staan, ze moesten maar naar Deventer doorgaan, déér konden ze zooveel locomotie*

Sluiten