Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

237

het voortbestaan waren bevangen; in hevig heen en weer gaande besluiteloosheid gerild hadden tusschen sterke eerste liefde en eeuwigheidsbesef, dan door de poort waren gegaan die voorgoed achter haar werd ge* sloten, en waarvoor de bruidegom bewusteloos neerge* vallen was. Wie zóó het liefste aardsche offeren kon, kon ook een rose bloeiende boom, waaraan ze vreugde had gevonden, doorhakken en de rivier af laten drijven; kon ook haar lievelingshond verdrinken; kon — hij had een zwarte mantel kort zien opengaan, met schapevacht gevoerd — kon ook 's nachts schapen slachten binnen de clausuur, ondanks het lieve, fijne, teere van haar ziek

De dienst was voortgegaan. Het Wees gegroet Maria klonk tot hem door, veel keeren herhaald, en dan het Onze Vader, met telkens als het ware het refrein, dat allen invielen, een storm van stemmen ineens, golf hoog van toon doordat het allen vróuwen waren, een kabbeling, een murmeling: bid voor ons, bid voor ons,

bid voor ons En duidelijker verstond hij het, en ze

bleven in hem naklinken, de monumentaal blank*tich» tende woorden: Wees gegroet, Maria, vol van genade, de Heer is mét ul Gezegend zijt gij onder de vrouwen, en gezegend is de vrucht uws lichaams, Jezus. — Het deed hem aan als diepe, koele, zuivere klaarte; nu vielen alle menschelijke gevoelentjes van hem weg. Hij wist, dat deze kloosterzusters de hoogste levensweg gekozen hadden, dat edeler op aard niet vindbaar was.

Dan stroomde het naar buiten, Brinckerinck had zich al weer verkleed, geleidde lachend de Vrouwe van Heenvliet naar 't vluchtoord van haar dochter. De wachten zeiden hoe ze zich had vertoond: vol stof, en

Sluiten