Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

SONNET.

Wat is de Hefde groot en hoog, Dat ik op jou, die — 'schoon met leed — Mijn geest vernedert en vergeet En aller wijsheid klaar betoog

Dat uit mün reede mond wil vloeien, Macht'loos tot steun, in enge boeien Van üd'le drift en weerstand klinkt, Nog bouw, terwül mün ziele zingt!

Wat is dat echt en teer en blank, Wat diep daar in je hartje kleen Mü, mü behoort, en mü alléén,

En machtig!, dat ik, gróóte Mensch, Mn gansch'lijk buig naar zijnen wensen En God nog voor nüjn boeien dank.

Sluiten