Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

18

De kleine dingen.

29 Mei. Merkwaardig, hoe de „kleine dingen" van het leven iuist in deze schijnbaar meedoogenlooze chaos tot hun recht komen! Het is Mei, en met de margrieten en de madeliefjes in de parken ziet men ook overal de teere, witte „bruidjes te voorschijn komen, kinderen, die hun eerste H. Communie hebben gedaan, en dien ganschen feestelijken dag hun tooi van soepele tulle blijven dragen. Men ziet ze overal: in de tuinen en op de drukste boulevards, soms in groepjes, en dan staat het qansche formidabele verkeer een oogenblik voor ze stil. Vanmorgen zag ik er één op een kerkhof, waar ze een groote witte bloem op het graf van Moeder kwam leggen. Ze droeg een prachtige japon vol roosjes van witte wol en een ivoren kruis opzij aan een lange rozenkrans. Net een nonnetje. En met de trots van een „bruidje des Heeren" (voor één enkelen dag) droeg ze haar rijke witte tooi voor de oogen der wereld.

Op hetzelfde uur en op datzelfde kerkhof, waar één van de aeneraals uit den Grooten Oorlog begraven werd, zag ik ook verschillende van die andere kleinen, nog in rouw over hun Vader, gesneuveld „pour la France". Met hoeveel trots droegen ook deze hun zwarte jurkjes, en daarop, aan breede paarse en roode linten. Vaders ridderorden!

En dan denk ik aan de Jardin du Luxembourg, waar op een stralenden zomer-middag zooveel intieme tafereeltjes te genieten zön. Hier komen de studenten uitrusten van hun col eges de Bretonsche bonnes met hun pupillen en hun haakwerk; in het lommer van de boomen genieten de zeer jeugdige Franschen van de caroussel. en in het spiegelgladde bassin zenden ze hun trotsche zeilbooten uit op groote, Trans-Aüantische vaarten. Temidden van dit alles, dat juicht en schatert met de overdadige Zuider-zon, in een paradijs-achtige omlijsting van roode meidoorn en bloeiende kastanjes, zag ik gisteren een jongen man met een heel jong poesje, armzalig mager en blind. Hij had er een aparte stoel voor gehuurd om het diertje in de zon te laten

^ETgeiijk aldus de levende waarde van deze overstelpende wereldstad wordt bepaald door de intimiteit van het Persoonlijk

gebeuren, zoo hebben ook de monumenten k«Jj»

leven, dat men op bepaalde momenten moet verrassen. Ik wü U een paar voorbeelden noemen, die ik later met meerdere

Sluiten