Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

MARIONETTEN.

Vijf beelden.

Eerste beeld.

Armoedige kamer in een dorpshuisje. Het milieu is dat van een arm auteur.

De bewoner ligt te bed, een pen in zijn afhangende linkerhand, Na eemgen tijd richt hij zich moeilijk op, de vrije hand tegen de hartstreek gedrukt. Hij zoekt een manuscript op, ziet het even door, wendt zich dan trotsch tot een denkbeeldig publiek, dat hij als volgt toespreekt:

De schrijver (na eenig keelschrapen oreerend): En dus dames en heeren, zal ik U thans iets uit mijn laatste drama voorlezen, dat inderdaad mijn'levenswerk mag worden geheeten Het eerste bedrijf dan (hij bladert in het manuscript) speelt in' een luxueuse salon, waar Peter, de stille, droomerige Peter kennis maakt met den leeghoofdigen, maar zelfbewusten Don Fernando DonFernando, gekleed in dé dracht van zijn tijd en van zijn stand' richt zich het eerst tot Peter. Hij begroet hem met een korte, hautaine buiging, steekt hem de hand toe... aldus... (hij illustreert met een handgebaar).... en spreekt: „Hoe vaart ge, beste vriend?" Waarop Peter antwoordt, als gewoonlijk afwezig en te bedeesd' om zich goed uit te drukken: „Let niet op mij, bid ik U" Vervolgens... • (de schrijver stokt hier even, maakt een paar aanteekentngen en gaat dan dóór, hoofdzakelijk voor zichzelf) Dat is nog niet goed.. .. Daar moet ik nog wat in veranderen Maar déze zin is mooi!: Don Fernando: „Het leven is een zeepbel' Het is de plicht van ieder om voor zichzelf te zorgen. Wat weten

we van dat wat na ons komt? Après nous le déluge!" Waarop

Peter antwoordt: „U zult wel gelijk hebben.... maar ik heb thuis een lieve vrouw en twee lieve kindertjes...." Dit onuitgewerkte discours-fragment, dames en heeren, is als het ware de inleiding tot het groote conflict, dat moet eindigen in de laatste scène (een scène a faire!) waarin Peter den trotschen Fernando met diens eigen dolk doorsteekt en ten slotte zelfmoord pleegt, met de woor-

Sluiten