Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

wel het üitéftete moment Wès!' fin „ze niët meer mee naaf huis zou gaan!"....

Zóó flink Was je, mijft schat, dat jê hët wel nooit zelf zal beseffen. Zelfs gaf jè me nog boodschapjes mee om aan dit en dat te denkett, eö goed.»»"voor mezelf te ÏÖrgen... Toen stond ik bf> straat, alleen, èh viel de groote deur lichter me dicht....

Wij .-.artiesten", dié in ónze theoretische wereld met zooveel „grootschë" dingen famdjaar doen, wat staan we altijd weer hulpeloos èh kinderachtig tegenover ëën Vèèlèischendë Werkelijkheid!

Ik herinner me van dézen pijnlijken aftocht, hoe een chauffeur me aansprak, en zei, dat er geen trams mèef liepen, hoe ik ergens èéh broodje at, en dat over al deze difigên afstraalde die glorieuse gebeurtéöifi, daar hemelhoog oj5 tfëfi achtergrónd! Hoe de gedachte mij inviel, hoe de Vader zelf hiér doende was en ons het werk üit handen had genomen, waarbij we flü mochten (ën moestén! ) toezien, ëfl.... vertiöBweöi Hét hèrinnérde me aan zekere voorvalléfi uit mijn jeugd, als moeder, of de meés"tef> of de leeraar iets ,»Vöórdedën" eö jë Vel vertrouwen en beWöndëring toe mocht kijken en èf ëfi toë iëtSt.»t éangeveh, dat eigenlijk niet ëèhs hoodig was: om Ö5k „mee te helpen". En hetzelfde gevoel van kinderlijk geluk kwam wéér in me, geboren Uit de gedachte: Göö doet hét zélf.

Maar Wat ëen angst, wét een opstandigheid tegen dit vaderlijk gezag én de ëigën machteloosheid, wat een zelfVèrfiedering gingen daarmee gepaard!

In dién ttacht héb ik U aangeroepen, mijft Heer, zooalS ik U nog ééUS aanriep:

„Christus van liefde, Christus van de kleine kindertjes, Gij, die alles van ons weët» het goede en het boozè» hèlp on& en sta ons bij! Als Gij op dit oogenblik opweegt hèt slechte in mijn leven tegen dat, wal ik goed Wilde doen, leg dan in de laatste schaal het groote gewicht Vah Uw genade-.. -., Want ik heb niéts Vëfdiend."

(Zoo bad !k tot U, mijn Hêe*; én hoewel de literatuur in mij al a'n best deed er „heet V&fi dé pen' ëën „gedicht" Van te maken, het lukte haar filet tin dus blééf hef voor ons ëfi-,... voor U alléén!)

Schreiend heb ik mij op deze eenzame terugtocht onze laatste reis te binnen geroepen, hoe ik haar, in Genua, nog geen twee

ti

Sluiten